Handgeschreven getuigenverklaring / bekentenis.
Origineel
Handgeschreven getuigenverklaring / bekentenis. Desgevraagd verklaarde van Delft: -----
a De knolselderie is^uit van mijn eigen tuin Geen teeltvergunning
groot ± 10 roe.
vervoer per schipper Wout.
1 vracht 0.50 per zak
b ~~OPBRENGST VOOR~~
Dit is de eerste maal dat ik voor eigen rekening handel
Van Vliet weet niet, dat ik dit doe.
Als personeel van v. Vliet heb ik een sleutel van pakhuis H.14
Ik had het partijtje verkocht aan een mij bekende kleinhandelaar
voor den normalen prijs. Deze koop is ± 5 dagen geleden
gesloten.
Ik weet dat ik geen groothandel op de C.H. mag uitoefenen
de verklaring voor accoord
Jan v Delft * **Inhoud:** Het document betreft een schuldbekentenis van Jan van Delft. Hij geeft toe knolselderij te hebben geteeld op eigen grond (10 roe, wat ongeveer 140-200 m² is) zonder de vereiste teeltvergunning. Hij heeft dit product buiten zijn werkgever (v. Vliet) om verkocht aan een kleinhandelaar.
- Sleutelelementen:
- Misbruik van vertrouwen: Van Delft verklaart dat hij een sleutel heeft van pakhuis H.14 vanwege zijn dienstverband, wat suggereert dat de illegale handelswaar mogelijk via dit pakhuis is gesluisd.
- Logistiek: De schipper 'Wout' verzorgde het transport voor 50 cent per zak.
- Regelgeving: De vermelding van "geen groothandel op de C.H. mag uitoefenen" wijst op strikte marktreglementen. "C.H." staat zeer waarschijnlijk voor de Centrale Hallen (de groothandelsmarkt voor levensmiddelen, destijds vaak in Amsterdam).
- Taalgebruik: Het gebruik van de naamval in "den normalen prijs" en de maateenheid "roe" duidt op een document uit de eerste helft of het midden van de 20e eeuw. Dit document lijkt een proces-verbaal of een interne verklaring tijdens een onderzoek door een marktmeester of opsporingsambtenaar van de Crisis Controle Dienst (CCD) of een vergelijkbare instantie. In tijden van schaarste of strikte regulering (zoals tijdens of kort na de Tweede Wereldoorlog) was de handel in landbouwproducten streng aan banden gelegd via teeltvergunningen en verplichte afzet via de veiling of centrale hallen.
Jan van Delft probeerde hier blijkbaar een "bijverdienste" te creëren door eigen oogst zwart te verkopen, waarbij hij gebruikmaakte van zijn positie en faciliteiten (de sleutel van het pakhuis) bij zijn officiële werkgever, de firma v. Vliet. De verklaring dient als bewijslast voor de overtreding van de economische regels van die tijd.