Archief 745
Inventaris 745-423
Pagina 75
Dossier 83
Jaar 1944
Stadsarchief

Handgeschreven verzoekschrift/brief.

10 juli 1944. Aan: Bureau Ausweise van de Politie te Den Haag.

Origineel

Handgeschreven verzoekschrift/brief. 10 juli 1944. Bureau Ausweise van de Politie te Den Haag. 8A/77/1

A'dam, 10/7 1944

Aan de Politie
Bureau Ausweise
vom Sperrgebiet Scheveningen
Laan Copes v. Cattenburgh
4
Den Haag


Hiermede verzoek ik U
wel te willen bevorderen,
dat de Ausweise van de
heeren H. v. Duinhoven en Th.
Otto; welke op 14 juli 1944 af-
loopen, worden verlengd. Het document is een zakelijk verzoek opgesteld in een beleefde, formele toon ("wel te willen bevorderen"). De schrijver verzoekt de politie in Den Haag om de verlenging van toegangsbewijzen (Ausweise) voor twee personen: de heren H. van Duinhoven en Th. Otto. De huidige bewijzen zouden vier dagen na dagtekening van de brief verlopen (op 14 juli 1944).

Het handschrift is regelmatig en goed leesbaar, geschreven met een dunne pen of potlood op een ongelinieerd blad papier. De adressering aan de "Laan Copes v. Cattenburgh 4" verwijst naar een historisch bekend adres in Den Haag waar tijdens de bezetting politie- en administratieve diensten waren gevestigd. Dit document stamt uit de late fase van de Tweede Wereldoorlog in Nederland (juli 1944). Scheveningen was gedurende de bezetting door de Duitse autoriteiten aangewezen als Sperrgebiet (verboden gebied) als onderdeel van de Atlantikwall. Grote delen van de bevolking waren geëvacueerd en het gebied was alleen toegankelijk voor personen met een speciale vergunning, de zogenaamde Ausweis.

Het "Bureau Ausweise vom Sperrgebiet Scheveningen" hield toezicht op de uitgifte van deze passen. Dat een verzoek uit Amsterdam komt voor toegang tot Scheveningen wijst er waarschijnlijk op dat de genoemde heren voor werkzaamheden of dringende zaken in het spergebied moesten zijn. Dergelijke administratieve snippers geven inzicht in de strikte controle op bewegingsvrijheid tijdens de bezettingsjaren. H. van Duinhoven Politie

Samenvatting

Het document is een zakelijk verzoek opgesteld in een beleefde, formele toon ("wel te willen bevorderen"). De schrijver verzoekt de politie in Den Haag om de verlenging van toegangsbewijzen (Ausweise) voor twee personen: de heren H. van Duinhoven en Th. Otto. De huidige bewijzen zouden vier dagen na dagtekening van de brief verlopen (op 14 juli 1944).

Het handschrift is regelmatig en goed leesbaar, geschreven met een dunne pen of potlood op een ongelinieerd blad papier. De adressering aan de "Laan Copes v. Cattenburgh 4" verwijst naar een historisch bekend adres in Den Haag waar tijdens de bezetting politie- en administratieve diensten waren gevestigd.

Historische Context

Dit document stamt uit de late fase van de Tweede Wereldoorlog in Nederland (juli 1944). Scheveningen was gedurende de bezetting door de Duitse autoriteiten aangewezen als Sperrgebiet (verboden gebied) als onderdeel van de Atlantikwall. Grote delen van de bevolking waren geëvacueerd en het gebied was alleen toegankelijk voor personen met een speciale vergunning, de zogenaamde Ausweis.

Het "Bureau Ausweise vom Sperrgebiet Scheveningen" hield toezicht op de uitgifte van deze passen. Dat een verzoek uit Amsterdam komt voor toegang tot Scheveningen wijst er waarschijnlijk op dat de genoemde heren voor werkzaamheden of dringende zaken in het spergebied moesten zijn. Dergelijke administratieve snippers geven inzicht in de strikte controle op bewegingsvrijheid tijdens de bezettingsjaren.

Genoemde Personen 1

Producten

Olie & Techniek: Lood Olie & Techniek: Olie Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen Razzia & Arrestatie

Organisaties

Politie

Gerelateerde Documenten 5