Zakelijke brief/briefkaart met handgeschreven administratieve aantekeningen.
Origineel
Zakelijke brief/briefkaart met handgeschreven administratieve aantekeningen. Jan van Slooten - Zeevischgroothandel, IJmuiden. [Gedrukte koptekst:]
Jan van Slooten - Zeevischgroothandel
(Versche, gedroogde en gerookte)
Willem Barendszstraat 5 — Giro no. 255241 — IJmuiden
[Stempels en datum bovenin:]
№ 46A/83/3 M. 1944 [handgeschreven: 4]
IJmuiden, 18/4 1944
[Handgeschreven brieftekst:]
M.
u brief ontvangen, en schreef dat u die nieude mand met
matten en stei [?] al retour had gezonden, ik heb hem niet
ontvangen. de vrachtrijder Wagenaar heeft hem ook niet
meegehad.
Dus ik hoop dat u hem mij retour zend of verzend.
Hoogachtend
JvSlooten [handtekening]
[Bedrijfsstempel:]
JAN van SLOOTEN
ZEEVISCHGROOTHANDEL
IJMUIDEN.
[Handgeschreven toevoeging in het midden, ander handschrift:]
Bovenbedoelde ledige mand met
deksel en matten is 11 Meij l.l. per
Alkmaar Packet terug gezonden aan
J van Slooten Vischhandelaar
Ymuiden.
Van deze afzending heb ik een
bewijsvrachtadres. - Kasstuk No. 214.
[Linksonder:]
Voor beantwoording
zie rapport Hr. Stam
31-5-'44
dettaer [?]
[Rechtsonder:]
Mac Stam [?]
v Beelen
schrijve De kern van dit document is een zakelijk geschil over een retourzending. Jan van Slooten, een visgroothandelaar uit IJmuiden, schrijft op 18 april 1944 dat hij een "nieuwe mand met matten" nog niet heeft ontvangen, ondanks eerdere correspondentie waarin werd beweerd dat deze retour was gestuurd. Hij merkt specifiek op dat de vrachtrijder (Wagenaar) de mand niet bij zich had.
Onder de brief van Van Slooten is later een reactie genoteerd (waarschijnlijk door de ontvanger van de brief voor hun eigen administratie). Hierin wordt gesteld dat de mand met deksel en matten op 11 mei jl. wel degelijk is teruggestuurd via de "Alkmaar Packet" (een beurtvaartdienst). De schrijver verwijst naar een "bewijsvrachtadres" en een "Kasstuk No. 214" als bewijs voor de verzending. Linksonder wordt nog verwezen naar een rapport van een "Hr. Stam" gedateerd 31 mei 1944, wat suggereert dat er intern onderzoek is gedaan naar de vermiste mand. Dit document stamt uit april/mei 1944, een cruciale fase in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was er een groot tekort aan materialen; transportmiddelen en emballage (zoals de genoemde vismanden) waren kostbaar en schaars. Een goede administratie van dergelijke goederen was essentieel voor de bedrijfsvoering.
De vermelding van de "Alkmaar Packet" is historisch interessant. Dit was een bekende stoombootdienst die het vervoer van goederen en personen verzorgde tussen Amsterdam, Alkmaar en omliggende plaatsen (zoals IJmuiden). In een tijd van brandstoftekorten en vorderingen door de bezetter was vervoer over water vaak nog een van de meer betrouwbare opties, hoewel ook dit transport onderhevig was aan strenge controles en oorlogsdreiging. Het document illustreert de dagelijkse logistieke uitdagingen in de vishandel tijdens de bezettingsjaren.