Ambtelijke correspondentie (adviesbrief)
Origineel
Ambtelijke correspondentie (adviesbrief) 2 februari 1940 De Directeur van het Marktwezen Amsterdam De Wethouder voor de Levensmiddelen, Amsterdam MARKTWEZEN
AMSTERDAM VP/HG.
TELEFOONNUMMER 85151 VERZOEKE BIJ BEANTWOORDING DATUM EN NUMMER TE VERMELDEN
No. 64/4/1 M.
BIJLAGE 1
ONDERWERP :
Verzoek van tuinder
J.A. Burgers om kwijtschelding marktgeld
Centrale Markt.
AMSTERDAM (W.) 2 Februari 1940.
JAN VAN GALENSTRAAT 14
AAN
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 29 Augustus jl. om advies ontvangen stuk no. 660 L.M.1939 heb ik de eer U te berichten, dat adressant voor het jaar 1939 een tuindersplaats op de Centrale Markt heeft bezet, weshalve hij een bedrag van f 90,- schuldig is. Van deze schuld heeft hij tot nu toe f 24,- betaald, zoodat nog f 66,- van hem wordt gevorderd.
Blijkens mededeeling van de Gecombineerde Tuinbouw Organisaties te Amsterdam heeft adressant in het jaar 1939 als volgt gebruik gemaakt van zijn plaats op de Centrale Markt: in Januari 8 maal; in Februari niet; in Maart 4 maal; in April 2 maal; in Mei niet; in Juni niet; in Juli 12 maal; in Augustus 13 maal; in September 7 maal; in October 2 maal; in November 1 maal; in December 5 maal. Tijdens zijn afwezigheid heeft ~~somtijds~~ zijn schoonvader hem op de marktplaats vervangen. Op grond van het vorenstaande bestaat mijns inziens geen aanleiding hem kwijtschelding van marktgeld te verleenen, weshalve ik U beleefd in overweging geef den adressant te doen berichten, dat aan zijn verzoek niet kan worden voldaan.
De Directeur,
[Ongetekend op dit afschrift]
A.Z. MODEL NO. 8. 10.000-9-'39-526. * Inhoud: Het document is een formeel advies van de directeur van het Amsterdamse Marktwezen aan de bevoegde wethouder. Een tuinder, J.A. Burgers, heeft gevraagd om kwijtschelding van zijn marktgeld over het jaar 1939 (totaal 90 gulden, waarvan 66 gulden nog openstaat). De directeur adviseert negatief omdat uit gegevens blijkt dat de plek gedurende het jaar regelmatig is gebruikt, hetzij door de tuinder zelf, hetzij door zijn schoonvader.
* Taalgebruik: Het taalgebruik is typisch voor de vooroorlogse ambtelijke stijl, met archaïsche spelling (zoals "zoodat", "mededeeling", "verleenen") en een zeer formele toon ("ik heb de eer U te berichten", "beleefd in overweging geef").
* Vorm: Het betreft een voorgedrukt model (A.Z. Model No. 8), wat wijst op een gestandaardiseerde administratieve procedure binnen de gemeente Amsterdam. Opmerkelijk is de handmatige doorhaling van het woord "somtijds" in de getypte tekst. * Historische periode: De brief is gedateerd op 2 februari 1940. Dit is tijdens de 'Schiemanswinter' (Phoney War), slechts drie maanden voor de Duitse inval in Nederland. De Nederlandse samenleving was op dat moment reeds deels gemobiliseerd en er heerste economische onzekerheid.
* Locatie: De Jan van Galenstraat 14 was het adres van de Centrale Markthallen (nu Food Center Amsterdam), die in 1934 waren geopend om de voedseldistributie in de stad te centraliseren.
* Sociaal-economisch: Het document geeft inzicht in de kosten voor ondernemers (tuinders) in die tijd. Een schuld van 66 gulden was destijds een substantieel bedrag (vergelijkbaar met ongeveer 1,5 tot 2 weken loon voor een gemiddelde arbeider). De bemoeienis van de "Gecombineerde Tuinbouw Organisaties" toont de sterke mate van organisatie en controle in de agrarische sector aan het eind van de jaren '30.