Getypte brief met handgeschreven correctie.
Origineel
Getypte brief met handgeschreven correctie. 11 April [Jaartal onbekend, mogelijk 1919 of 1929] 1 11 April 9
65/3/8 den Heer Wethouder voor de
Amsterdam. Levensmiddelen,
Berg had, verklaarde hij mij eveneens, dat hij zich wel op-
nieuw op de Centrale Markt zou willen vestigen, ware het niet,
dat hij daarvan door het feit, dat hij de aardappellossers
moet betalen, wordt weerhouden. Weliswaar zeide ik hem, dat
op de Centrale Markt volkomen vrijheid van werken bestaat en
dat hij niet verplicht was, om van de diensten der aardappel-
lossers gebruik te maken, indien hij dat niet wenschte, doch
stad
terecht voerde hij daartegen aan, dat het hem in de ~~stand~~ on-
mogelijk werd gemaakt om zaken te doen, aangezien de klein-
handelaren in het algemeen niet bij hem zouden durven koopen,
indien hij in conflict met de aardappellossers geraakte. Door
thans niet op de Centrale Markt gevestigd te zijn, weet hij
herhaaldelijk aan de "waakzaamheid" der aardappellossers te
ontsnappen en zoodoende aardappelen zonder losloon in Amster-
dam te leveren. Zoolang dit stelsel van heffing van loon door
arbeiders, die het vorderen, ook wanneer van hun diensten
geen gebruik is gemaakt, niet is verdwenen, vrees ik, dat
verscheidene handelaren, evenals Van den Berg, weerhouden
zullen worden om zich op de Centrale Markt te vestigen. Ik
rapporteerde U reeds vroeger, dat ik dit loonstelsel als een
beletsel voor de ontwikkeling der Centrale Markt beschouw.
Nochtans meen ik, dat hieraan voor het oogenblik niet veel
kan worden veranderd.
Wat tenslotte het verzoek van Van den Berg betreft
om weder in aanmerking te komen om in te schrijven voor leve-
ranties ten behoeve van den Centralen Dienst voor de Levens-
middelenvoorziening, diene, dat het naar mijn meening in het
belang der Centrale Markt noodzakelijk is, dat voor inschrij-
vingen voor den Centralen Dienst uitsluitend in aanmerking
komen grossiers, die op de Centrale Markt gevestigd zijn. Bij
een bespreking, die ik dienaangaande met mijn Ambtgenoot van
voornoemden dienst had, bleek hij mijn standpunt te onder-
schrijven. Ik vertrouw, dat U zich ermede kunt vereenigen.
Ik verzoek U beleefd goed te keuren, dat ik den
heer Mr. De Jong bericht, dat het voorstel van Van den Berg
wordt aanvaard. Door den Centralen Dienst voor de Levens- De kern van dit document is een rapportage over een structureel probleem op de Centrale Markt in Amsterdam: de dwingende macht van de "aardappellossers". Deze arbeiders eisten betaling (losloon), ook als hun diensten niet werden gebruikt. Handelaren zoals Van den Berg vermeden de markt om deze kosten te ontwijken. Hoewel er formeel "vrijheid van werken" was, durfden kleine handelaren geen zaken te doen met grossiers die in conflict waren met de lossers, uit vrees voor repercussies. De schrijver erkent dat dit de groei van de markt belemmert, maar ziet geen directe oplossing voor dit machtsmisbruik. Als strategische tegenmaatregel wordt voorgesteld om overheidscontracten voor de voedselvoorziening alleen open te stellen voor handelaren die wél op de markt gevestigd zijn, om hen zo te dwingen terug te keren ondanks de problemen met de lossers. Dit document dateert waarschijnlijk uit de vroege 20e eeuw (mogelijk rond de Eerste Wereldoorlog of de jaren '20), een periode waarin de voedselvoorziening in Amsterdam streng gereguleerd was via de "Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening". De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat werd in 1934 geopend, maar de voorgeschiedenis van gecentraliseerde handel en de strijd tussen vakbond-achtige arbeiderscollectieven en handelaren was al decennia daarvoor een heet hangijzer. De brief illustreert de spanning tussen de formele regels van de gemeente en de informele, harde wetten van de werkvloer in de Amsterdamse haven en markthandel. De "waakzaamheid" waarover gesproken wordt, duidt op een vorm van sociale controle en intimidatie door de lossers.