Archief 745
Inventaris 745-296
Pagina 194
Dossier 5
Jaar 1939
Stadsarchief

Archiefdocument

Origineel

Sigarenmakers

[X] C.P. Vaas ; Antillenstr. 14^I (W) ; 127^a hal.
werkt alleen ; ƒ 2,25.

[X] E. Lelie ; Transvaalplein 3^I (p.a. A. Vreeser) ; 126^b hal.
werkt met 1 knecht ; ƒ 2,25.

[X] M. Nordheim ; Camperstr. 24 huis ; 138^c hal.
werkt alleen ; ƒ 2,25. (3,75 betaald).

[X] A. Coster ; 1^e Oosterparkstr. 169 huis ; 138^a hal;
werkt alleen (stripper en hele dagen / week) ; ƒ 2,25.

[Rood kader, doorgestreept:]
M. de Groot ; 1^e Oosterparkstr 125^I ; 138^b hal
~~werkt met~~ ƒ 2,25
zit samen in 138^b A. van Praag;
Morgen laten tekenen.

[X] J. Mullem ; Transvaalstr. 12^I ; 124^a hal;
werkt alleen; ƒ 2,25.

[X] G.J. VerWeyden ; Marnixstr. 290 huis ; 124^b hal;
werkt alleen ; ƒ 2,25.

[X] J.J. Verdoner ; J.P. Heijestraat 101 huis ; 139^a hal.
werkt samen met 1 man personeel ƒ 2,25.

[X] M. Furth ; Tugelaweg 37^II ; 141^a hal;
~~werkt~~ geen personeel ; ƒ 2,25. * Structuur: De lijst volgt een strikt format: Naam; Adres (inclusief etage of 'huis'); een administratief nummer (gevolgd door 'hal.'); de personele bezetting; en een standaardbedrag van ƒ 2,25.
* Administratieve tekens: De potloodkruisjes (X) voor de meeste namen duiden waarschijnlijk op voltooiing van een controle of ontvangst van betaling. De doorgehaalde sectie bij M. de Groot laat zien dat er sprake was van een administratieve wijziging omdat hij samenwerkte met een andere maker op de lijst (A. van Praag).
* Vaktaal:
* Knecht: Een leerling of gezel die in dienst was van de meester-sigarenmaker.
* Stripper: Een arbeider die de stugge nerven uit de tabaksbladeren verwijdert (strippen).
* Hal: Mogelijk een verwijzing naar de Centrale Markthal of een specifieke administratieve afdeling binnen de tabakssector.
* Financieel: Het bedrag van ƒ 2,25 is nagenoeg universeel op deze lijst, wat suggereert dat het gaat om een vastgestelde weekcontributie, een vergunningsvergoeding of een vaste uitkering. Dit document biedt een inkijkje in de kleinschalige tabaksnijverheid in Amsterdam in de vroege 20e eeuw (vermoedelijk jaren '20 of '30). De sigarenmakerij was destijds een belangrijk ambacht dat vaak vanuit huis of in kleine werkplaatsen in arbeidersbuurten werd uitgeoefend. Veel van de genoemde achternamen (zoals Nordheim, Coster, de Groot, van Praag, Mullem, Verdoner en Furth) wijzen op een sterke aanwezigheid van de Joodse bevolking in dit beroep. De locaties concentreren zich in de Transvaalbuurt en de Oosterparkbuurt, wat in die tijd belangrijke centra waren voor de Joodse arbeidersklasse. Het document is waarschijnlijk afkomstig uit het archief van een vakbond (zoals de ANSTB) of een gemeentelijke instantie die toezicht hield op thuiswerkers.

Samenvatting

  • Structuur: De lijst volgt een strikt format: Naam; Adres (inclusief etage of 'huis'); een administratief nummer (gevolgd door 'hal.'); de personele bezetting; en een standaardbedrag van ƒ 2,25.
  • Administratieve tekens: De potloodkruisjes (X) voor de meeste namen duiden waarschijnlijk op voltooiing van een controle of ontvangst van betaling. De doorgehaalde sectie bij M. de Groot laat zien dat er sprake was van een administratieve wijziging omdat hij samenwerkte met een andere maker op de lijst (A. van Praag).
  • Vaktaal:
    • Knecht: Een leerling of gezel die in dienst was van de meester-sigarenmaker.
    • Stripper: Een arbeider die de stugge nerven uit de tabaksbladeren verwijdert (strippen).
    • Hal: Mogelijk een verwijzing naar de Centrale Markthal of een specifieke administratieve afdeling binnen de tabakssector.
  • Financieel: Het bedrag van ƒ 2,25 is nagenoeg universeel op deze lijst, wat suggereert dat het gaat om een vastgestelde weekcontributie, een vergunningsvergoeding of een vaste uitkering.

Historische Context

Dit document biedt een inkijkje in de kleinschalige tabaksnijverheid in Amsterdam in de vroege 20e eeuw (vermoedelijk jaren '20 of '30). De sigarenmakerij was destijds een belangrijk ambacht dat vaak vanuit huis of in kleine werkplaatsen in arbeidersbuurten werd uitgeoefend. Veel van de genoemde achternamen (zoals Nordheim, Coster, de Groot, van Praag, Mullem, Verdoner en Furth) wijzen op een sterke aanwezigheid van de Joodse bevolking in dit beroep. De locaties concentreren zich in de Transvaalbuurt en de Oosterparkbuurt, wat in die tijd belangrijke centra waren voor de Joodse arbeidersklasse. Het document is waarschijnlijk afkomstig uit het archief van een vakbond (zoals de ANSTB) of een gemeentelijke instantie die toezicht hield op thuiswerkers.

Locaties

Amsterdam (afgeleid van straatnamen zoals Antillenstraat Tugelaweg en J.P. Heijestraat).

Gerelateerde Documenten 6