Getypt ambtelijk schrijven (doorslag/kopie).
Origineel
Getypt ambtelijk schrijven (doorslag/kopie). 8 november 1939. Onbekend (vermoedelijk de directeur van de Centrale Markt of een verwante gemeentelijke dienst). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, alhier (Amsterdam). VP/HG.
66/15/35 M.
8 November 1939.
Schoonhouden van kantoorver-
diepingen der hal op de
Centrale Markt.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Tot nu toe werden de kantoren van het personeel der Centrale Markt, welke kantoren gevestigd zijn in de hal, schoongehouden door twee schoonmaaksters van den dienst der Gemeentelijke Wasch- en Schoonmaak-, Bad- en Zweminrichtingen, welke werksters tevens van tijd tot tijd de gangen en trappen der hal schoonmaakten, terwijl zij voorts regelmatig in het hoofdkantoor van mijn dienst werkzaam zijn. In den laatsten tijd wordt van de kantoorlokalen in de hal, die voorheen bijkans alle onbezet waren, zeer druk gebruik gemaakt. Ik herinner in dit verband aan de vestiging van 29 sigarenfabrikanten op de derde verdieping aan de Westzijde der hal; voorts aan de legering van ± 25 militairen, aan het dagelijksche bezoek van ± 300 leden van de Burgerwacht en van ± 30 agenten van Politie, die op het marktterrein oefenen, doch wier leslokalen en opslagplaatsen voor geweren op de kantoorverdiepingen der hal gevestigd zijn. Het is dan ook voor de bovenbedoelde twee schoonmaaksters ten eenenmale onmogelijk, om tegenwoordig de hal schoon te houden.
Nadat de sigarenmakers op de Centrale Markt waren gevestigd, heeft zich te mijnen kantore vervoegd S.Jager, Groen van Prinstererstraat 25 III, die gedurende verscheiden jaren de werkplaatsen der bedoelde sigarenmakers op de Marinewerf heeft schoongehouden, waarvoor hij van Rijkswege een * Probleemstelling: De huidige bezetting van twee schoonmaaksters (gedetacheerd vanuit de Gemeentelijke Wasch- en Schoonmaakinrichtingen) volstaat niet meer om de kantoren en trappen van de Centrale Markthal schoon te houden.
* Oorzaak van de drukte: De leegstaande kantoorlokalen zijn plotseling volgestroomd door drie groepen:
1. Industrie: 29 sigarenfabrikanten die op de derde verdieping zijn gevestigd.
2. Defensie: Een inkwartiering van ongeveer 25 militairen.
3. Openbare orde: Dagelijks 300 leden van de Burgerwacht en 30 politieagenten die de hal gebruiken voor leslokalen en de opslag van geweren.
* Oplossingsrichting: De schrijver brengt een kandidaat onder de aandacht, S. Jager, die ervaring heeft met het schoonmaken voor de sigarenmakers toen zij nog op de Marinewerf gevestigd waren.
* Taal en Spelling: Het document is geschreven in de toen gangbare formele ambtelijke stijl met de spelling-Marchant (bijv. "wasch-", "den laatsten tijd", "ten eenenmale"). Dit document biedt een unieke inkijk in de situatie in Amsterdam tijdens de Mobilisatie (1939-1940), vlak na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Europa, maar vóór de Duitse inval in Nederland.
De Centrale Markthal (geopend in 1934) fungeerde als de 'buik van Amsterdam'. Dat de Burgerwacht en de politie hier oefenden en hun wapens opsloegen, onderstreept de strategische en logistieke waarde van dit terrein. De Burgerwacht was een vrijwilligerskorps dat de politie ondersteunde in tijden van crisis.
Interessant is de migratie van de sigarenindustrie. De vermelding dat 29 fabrikanten verhuisden van de Marinewerf (op Oostenburg) naar de Markthal, wijst erop dat defensie de ruimte op de Marinewerf in 1939 volledig claimde voor militaire productie, waardoor de civiele industrie naar andere locaties in de stad moest uitwijken. De brief is een typisch voorbeeld van hoe de oorlogsdreiging onmiddellijk invloed had op de dagelijkse gemeentelijke logistiek, tot aan de schoonmaakroosters toe.