Handgeschreven memo of ambtelijke notitie.
Origineel
Handgeschreven memo of ambtelijke notitie. 2 november 1939 (2/11 '39). N.B.!
Th. Wubbes, kwam met
een klein verlof te [onleesbaar]
doen [onleesbaar]!
Vraagt een verklaring – om
bij zijn verzoek aan Minister
van defensie te overleggen –
dat hij op Marktw. gevestigd
is, belemmering heeft in
pakhuis en detailhandel
van bananen enz – dat
hij bedrijf als gevolg van
de mobilisatie heeft moeten
staken –
2/11 '39
[paraaf]
Wubbes
Marktweg 359
Den Haag Dit document is een ambtelijke aantekening betreffende een verzoek van Th. Wubbes, een gemobiliseerde militair. Wubbes is blijkbaar met "klein verlof" (kort verlof) en maakt van die tijd gebruik om zaken te regelen voor zijn civiele bestaan.
De kern van de notitie is dat Wubbes een officiële verklaring nodig heeft van een lokale instantie (waarschijnlijk de gemeente of de politie in Den Haag). Deze verklaring moet dienen als bewijsstuk bij een officieel verzoek aan de Minister van Defensie. Uit de tekst blijkt dat Wubbes een bedrijf voerde in de bananenhandel (pakhuis en detailhandel) op de Marktweg, maar dat hij de exploitatie heeft moeten staken omdat hij door de mobilisatie onder de wapenen is geroepen.
Het verzoek aan de minister zal waarschijnlijk een verzoek om (buitengewoon) verlof of demobilisatie zijn geweest op grond van economische onmisbaarheid of het voorkomen van een faillissement. De rode "N.B.!" en de duidelijke omschrijving van de situatie wijzen erop dat dit een spoedeisende of belangrijke zaak was voor de betreffende ambtenaar. Het document dateert van 2 november 1939. Dit valt in de periode van de 'Mobilisatie 1939-1940' in Nederland. Na de Duitse inval in Polen in september 1939 bracht Nederland zijn leger op volle sterkte om de neutraliteit te handhaven.
De mobilisatie had enorme sociaaleconomische gevolgen. Tienduizenden mannen werden plotseling uit hun dagelijkse werk gerukt. Vooral voor kleine zelfstandigen, zoals de heer Wubbes met zijn bananenhandel, was dit rampzalig. Zonder de eigenaar kon het bedrijf vaak niet voortbestaan.
Militaren konden bij het Ministerie van Defensie verzoeken indienen voor vrijstelling of verlof wegens "onmisbaarheid" in het bedrijf of vanwege ernstige financiële nood. Voor dergelijke verzoeken waren officiële bewijsstukken nodig die de noodzaak onderbouwden. Dit document is een direct verslag van de bureaucratische weg die een burger-soldaat moest bewandelen om zijn levensonderhoud te redden tijdens de dreiging van de Tweede Wereldoorlog.