Archief 745
Inventaris 745-298
Pagina 157
Dossier 2A
Jaar 1939
Stadsarchief

Getypte statistische tabel / Ambtelijk rapport.

Origineel

Getypte statistische tabel / Ambtelijk rapport. Aantal personen, aangetroffen zonder vergunning.
(z.g.n.bedieners van vaste klanten)

ALLE WIJKEN TEZAMEN.

Artikelen Ventverg. ingeleverd of ingetrokken Ventverg. niet afgehaald Nimmer ventver. gehad In den handel vóór 1934 Nimmer ventver. gehad In den handel ná 1934 Totaal
Aardappel.gr.enfruit 110 6 46 39 201
Aardappelen 6 - 6 3 15
Boter, kaas en eieren 7 - 30 6 43
Petroleum 12 - 13 13 38
Huish. (schoonm) art. - - 2 2 4
Visch 1 - 3 - 4
Bloemen en planten - - - 2 2
Brandstoffen 1 - 7 5 13
Snoepgoed en kl.eetw. - - 1 - 1
Fruit 1 - 3 - 4
Honden- en kattenvoer - - 1 - 1
Manufacturen 1 - - - 1
Koffie en thee - - 1 - 1
Zuurwaren 2 - - 1 3
Wild en gevogelte enz. - - 1 - 1
141 6 114 71 332

In het getal: 332 zijn 4 personen begrepen, die in twee wijken werden aangetroffen, zoodat het aantal vaste-klantenbedieners bedraagt: 332 - 4 = 328. Dit document biedt een statistisch overzicht van de illegale straathandel in een specifieke (niet nader genoemde) gemeente. Het richt zich op de groep "bedieners van vaste klanten": bezorgers die volgens de autoriteiten feitelijk ventten en dus over een vergunning moesten beschikken.

  • Dominante sectoren: De handel in aardappelen, groenten en fruit (AGF) beslaat met 201 van de 332 gevallen de absolute meerderheid. Daarna volgen zuivel (boter, kaas, eieren) en brandstoffen (petroleum).
  • Vergunningsstatus: Opvallend is dat 141 personen (ruim 40%) wel een vergunning hadden, maar dat deze was ingetrokken of ingeleverd. Dit duidt op een strenger wordend beleid waarbij vergunningen werden gesaneerd.
  • Historische grens: De tabel maakt een scherp onderscheid tussen personen die vóór en ná 1934 in de handel zijn gegaan. Dit wijst op een wijziging in de wetgeving of lokale verordening in dat jaar. Tijdens de economische crisis van de jaren '30 probeerde de Nederlandse overheid de "ongebreidelde" concurrentie in de middenstand te beteugelen. Met de invoering van de Vestigingswet Kleinbedrijf (1932), die vanaf 1934 voor steeds meer sectoren gold, werden strenge eisen gesteld aan ondernemers (zoals vakbekwaamheid en kredietwaardigheid).

Veel kleine handelaren die van oudsher langs de deuren gingen om hun waar te slijten, konden niet aan deze nieuwe eisen voldoen. Zij werden door de politie en controleurs aangemerkt als "venters zonder vergunning". Dit document is een direct resultaat van de intensieve controles die in deze periode werden uitgevoerd om de "georganiseerde" middenstand te beschermen tegen de ambulante handel.

Samenvatting

Dit document biedt een statistisch overzicht van de illegale straathandel in een specifieke (niet nader genoemde) gemeente. Het richt zich op de groep "bedieners van vaste klanten": bezorgers die volgens de autoriteiten feitelijk ventten en dus over een vergunning moesten beschikken.

  • Dominante sectoren: De handel in aardappelen, groenten en fruit (AGF) beslaat met 201 van de 332 gevallen de absolute meerderheid. Daarna volgen zuivel (boter, kaas, eieren) en brandstoffen (petroleum).
  • Vergunningsstatus: Opvallend is dat 141 personen (ruim 40%) wel een vergunning hadden, maar dat deze was ingetrokken of ingeleverd. Dit duidt op een strenger wordend beleid waarbij vergunningen werden gesaneerd.
  • Historische grens: De tabel maakt een scherp onderscheid tussen personen die vóór en ná 1934 in de handel zijn gegaan. Dit wijst op een wijziging in de wetgeving of lokale verordening in dat jaar.

Historische Context

Tijdens de economische crisis van de jaren '30 probeerde de Nederlandse overheid de "ongebreidelde" concurrentie in de middenstand te beteugelen. Met de invoering van de Vestigingswet Kleinbedrijf (1932), die vanaf 1934 voor steeds meer sectoren gold, werden strenge eisen gesteld aan ondernemers (zoals vakbekwaamheid en kredietwaardigheid).

Veel kleine handelaren die van oudsher langs de deuren gingen om hun waar te slijten, konden niet aan deze nieuwe eisen voldoen. Zij werden door de politie en controleurs aangemerkt als "venters zonder vergunning". Dit document is een direct resultaat van de intensieve controles die in deze periode werden uitgevoerd om de "georganiseerde" middenstand te beschermen tegen de ambulante handel.

Kooplieden in dit dossier 43

Bur.v.Maatsch.Steun 654
Bur.v.Maatsch.Steun 708
C.H.J. Langkemper Ventgeld ƒ 0,70 over November 1937.
E. Korthoef Geen schuld.
A. Leeseman Ventgeld ƒ 0,70 over November 1937.
G.G.D. In " 2.003,90
G.G.D. In " 3.707,50
G.G.D. In " 827,50
Gebouwen, op of tegen " 1.250,--
Gebouwen, op of tegen
Gebouwen, op of tegen
Gebouwen, op of tegen
Gebouwen, op of tegen
H.J. Vonk Ventgeld ƒ 1,40 over October en November 1937.
J.G. Kuyten Ventgeld ƒ 0,70 over November 1937.
Alle 43 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 1