Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen.
Origineel
Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen. 18 september 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt of Publieke Werken). [Handgeschreven rechtsboven:]
1 ex. Hr. Siersma
1 ex. Hr. Müller
Hr. Hr. Broere
[Linksboven:]
vP/HG.
96/12/1 H.
[Rechtsboven:]
18 September 1939.
Verzonden 18/9 - '39 [Handgeschreven]
[Linksboven onder referentie:]
Opslag van hout voor
luchtbeschermingsdienst
op de Centrale Markt.
[Geadresseerde:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
[Inhoud:]
Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat door den
dienst der Publieke Werken een groote partij hout, ten be-
hoeve van den luchtbeschermings-dienst wordt opgeslagen op
de smalle terreinstrook ten Oosten van het Oostelijk Markt-
kanaal der Centrale Markt, omtrent welke strook ik U laatste-
lijk op 5 dezer (onder No.70/3/3 H.) rapporteerde. Op de
strook is reeds thans zooveel hout opgeslagen, dat het zich
laat aanzien, dat zij binnenkort geheel voor dezen opslag
zal worden in gebruik genomen.
Het lijkt mij daarom billijk, dat de luchtbescher-
mingsdienst aan de Centrale Markt, zoolang de opslag duurt,
de jaarlijksche kosten van grondrente der bedoelde strook
vergoedt. Deze kosten bedragen, zooals ik U in mijn boven-
aangehaald rapport mededeelde, rond ƒ 1500,- per jaar. Aange-
zien de strook ruim 6000 m2 oppervlakte heeft, bedraagt de
huur voor dit opslagterrein, indien mijn voorstel wordt
aanvaard, ± ƒ 0,25 per m2 per jaar. Dit is een zeer laag
bedrag; ik vernam, dat elders in de stad voor dergelijk
opslagterrein een huurprijs van ± ƒ 0,75 per m2 per jaar
wordt berekend.
Ik geef U beleefd in overweging wel te willen bevor-
deren, dat door den luchtbeschermingsdienst, zoolang de
bovenbeschreven opslag voortduurt, jaarlijks ƒ 1500,- aan
de Centrale Markt wordt betaald.
De Directeur, In deze brief verzoekt de directeur van de Centrale Markt de wethouder om een financiële vergoeding voor het gebruik van marktterrein door de Luchtbeschermingsdienst (LBD). De kernpunten zijn:
* Locatie: Een strook grond van ruim 6000 m² ten oosten van het Oostelijk Marktkanaal.
* Gebruik: Opslag van een grote partij hout voor de LBD. Het terrein is inmiddels bijna volledig bezet.
* Financieel voorstel: Een jaarlijkse vergoeding van ƒ 1500,-. De directeur beargumenteert dat dit een "zeer laag bedrag" is (ƒ 0,25 per m²) vergeleken met de marktprijs elders in Amsterdam (ƒ 0,75 per m²).
* Interdepartementale verrekening: Het document toont de bureaucratische afhandeling van kosten tussen verschillende gemeentelijke diensten (Publieke Werken, Luchtbescherming en de Markt). De brief is gedateerd op 18 september 1939, slechts ruim twee weken na de Duitse inval in Polen en het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was, heerste er een staat van mobilisatie.
De Luchtbeschermingsdienst was in deze periode koortsachtig bezig met voorbereidingen tegen mogelijke luchtaanvallen. De grote partij hout waarover gesproken wordt, was waarschijnlijk bedoeld voor het stutten van kelders, het bouwen van schuilplaatsen of andere defensieve civiele werken. De brief illustreert hoe de stad Amsterdam zich logistiek voorbereidde op de oorlog, waarbij zelfs tijdens een noodsituatie de zakelijke en administratieve kant van terreingebruik en huurprijzen nauwgezet werd afgehandeld. De vernoemde personen (Siersma, Müller, Broere) waren hoogstwaarschijnlijk ambtenaren of betrokkenen bij de betreffende diensten.