Archiefdocument
Origineel
21 september 1939. Dienst der Publieke Werken Amsterdam, Bureau Stadsingenieur (Raadhuis, Kamer 198). Den Heer Directeur van het Marktwezen, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam W. DIENST DER PUBLIEKE WERKEN
AMSTERDAM
RAADHUIS, KAMER 198.
Bureau Stadsingenieur.
Betreft: huur pakhuis-
ruimte voor opslag zakken.
S.I.685/47
No 96/13/1/M. 1939 22/9
AMSTERDAM, 21 September 1939
Aan den Heer Directeur van het
Marktwezen.
Jan van Galenstraat 14.
A m s t e r d a m W.
[Handgeschreven aantekeningen rechtsboven:]
n.i. Dr. W.L.
h. Sixma
h. Mulder
Naar aanleiding van de tusschen den heer Sixma en den Inspecteur van onzen Dienst, W. Pathuis, gehouden bespreking betreffende den opslag voor zakken, deel ik U mede, dat de pakhuizen 13 B en 14 B (welke voor houtopslag hebben dienst gedaan) voor het beoogde doel geschikt zijn.
Beleefd verzoek ik U deze pakhuisruimten voor den opslag van zakken te reserveeren; de te berekenen huur kan in rekening gebracht worden bij den Luchtbeschermingsdienst, Keizersgracht 611, Alhier.
Vn.
De Stadsingenieur,
[Handtekening onleesbaar] Dit document is een ambtelijke brief van de Stadsingenieur van Amsterdam aan de Directeur van het Marktwezen. De kern van de correspondentie is de toewijzing van specifieke opslagruimte (pakhuizen 13 B en 14 B aan de Jan van Galenstraat) voor "zakken".
Hoewel niet expliciet vermeld, duidt de referentie naar de Luchtbeschermingsdienst als betalende instantie er sterk op dat dit zandzakken betreft. Het document toont de ambtelijke afstemming tussen verschillende gemeentelijke diensten (Publieke Werken en Marktwezen) om faciliteiten vrij te maken voor civiele verdediging. De datum van de brief, 21 september 1939, is historisch zeer relevant. Dit is precies drie weken na de Duitse inval in Polen, wat het begin van de Tweede Wereldoorlog markeerde. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was, bevond het land zich in een staat van mobilisatie en werden er koortsachtig voorbereidingen getroffen voor een mogelijke aanval.
De Luchtbeschermingsdienst (LBD) was verantwoordelijk voor het beschermen van de burgerbevolking tegen luchtaanvallen. De opslag van enorme hoeveelheden zandzakken was een cruciaal onderdeel van deze voorbereidingen (voor het verstevigen van schuilkelders en het beschermen van vitale gebouwen). De locatie van de pakhuizen bij het Marktwezen (de Centrale Markthallen) was logistiek gunstig gelegen aan de rand van de toenmalige stad. De Keizersgracht 611 was de zetel van de Amsterdamse Luchtbeschermingsdienst.