Getypte brief op bedrijfspapier.
Origineel
Getypte brief op bedrijfspapier. Ongedateerd (invulveld "19......."), maar uit de tekst blijkt dat het geschreven is tijdens de mobilisatieperiode (najaar 1939 of begin 1940), aangezien er wordt verwezen naar inkomsten uit 1939 en de dreiging van oorlog. Waarschijnlijk sergeant Ruhe, verbonden aan N.V. v/h H.G. Ruhe (Handel in Land- en Tuinbouwproducten). TELEFOON 85544
NA 5 UUR 80095
N.V. v/h H.G. Ruhe
CENTRALE MARKT B I
AMSTERDAM - W.
POSTGIRO 342417
GEMEENTE GIRO R 3873
BANKIER:
N.V. NED. LANDBOUWBANK
LAND- EN TUINBOUWPRODUCTEN
A M S T E R D A M ,
........................19.........
II
drie werkdagen in de week aanwezig ben , terwijl de recruten iedere
dag moeten oefenen . Het eenige nut dat ik heb als militair is voor
mijn collega's onderofficieren en dat is dat de sterkte van O.O. nu
niet 16 maar 17 menschen bedraagt bij de compagnie . Daar er iedere
dag een sergeant wacht-commandant moet zijn behoeven zij thans maar
eens in de 17 , inplaats van eens in de 16 dagen op wacht . De wacht
nuis is een p.baantje en duurt 24 uur . Als Nederland in oorlog mocht
komen en het moest zich verdedigen , is de sergeant Ruhe binnen een
uur , voorzien van een lux autotje aanwezig . Ik strijd in de aller-
laatste plaats voor mezelf . Ik verdiende in 1939 1600 gulden .
Ik betaalde thuis 520.= aan kost en inwoning en bovendien ongeveer
250.= aan een levensverzekering welke t.b.v. de N.V. verpand is !!
In dienst verdien ik 1200.= met gratis kost en inwoning en gratis
kleeding was etc. Als de oorlog over is helpt men mij wel weer om een
zaak op te zetten , ik heb zelfs al een toezegging hiervoor van een
a.s. zwager welke het edele ambt van notaris bekleed en zeer puissant
rijk is ! Het personeel waaraan ik te Amsterdam inclusief de sociale last-
en 6600.= in 1939 betaalde red zich ook vermoedelijk wel . De arbeids-
markt wordt dagelijks beter en ten slotte is er nog de steun via vak-
bond en m.s. met bonnen en weet ik wat al meer . Het ergste is het
voor mijn moeder en het gezin . Waar moet mijn moeder van bestaan ,
hoe moeten de kinderen die nog studeeren en nog niet op hun bestemming
zijn door deze moeilijkheden heen komen . Zeker zij kunnen de moeite
opgeven , niet verder studeeren en een baantje zoeken , maar zoolang
als ik er een kansje toe zie om dat te voorkomen , zal het niet gebeu-
ren . Ik vergat nog te vermd den dat wij te Vinkeveen aan loon en soc.
lasten ook nog een kleine twee mille betaalden, maar ook dat is niet zoo
voornaam . Intussen zult U zich afvragen waarom ik nu juist bij U
mijn gal uitspuug . Ik kom echter mijn hart uitstorten , het zit boor-
devol en helaas is het slechts gal wat erin is . U moet mij helpen ,
U bent de man die mijn ontzettende moeilijkheden het beste kan aanvoe -
len - de heer Wuijs krijgt dagelijks slachtoffers bij zich , die is gehard
misschien zelfs al afgestompt door het aanhooren van veel geweeklaag
waarvan mogelijk het meeste niet zoo erg is . U heeft alles van nabij
kunnen observeeren en weet alles van me , U weet dat ik nog niets heb
overdreven bij alles wat hierboven staat , U heeft de positie en de
juiste tact om daar aan te kloppen waar aangeklopt zal moeten worden ,
U is de eenige die mij en daardoor degene die van mij afhangen kunt
redden . Mij laten ze niet toe als ik over verlof kom praten , als ik
op het stadhuis naar den heer Wijs vraag krijg ik hem zelf niet te pak-
ken , maar slechts een lager Godheid die me met een verveeld gezicht
aanhoort me naam op een notitiebloc schrijft en me ver volgens rangschikt
bij de veele die al voor mij kwamen . Daarna vergeet hij me totaal en
ik lig weer in de map . Dood en begraven . U kunt me geloven of niet
maar met de N-V- Ruhe ga ook ik kapot , ik ga eerst ik voel het nu al ,
ik raak totaal overspannen. De dokter zegt dat ik grip heb maar ik heb
beslist geen griep , ik word alleen beroerd van het piekeren . Ik eet
ieder dag minder , rook iedere dag meer , heb geen moment rust en kan * Kernboodschap: De schrijver (Sergeant Ruhe) is wanhopig vanwege de financiële en psychische druk die de mobilisatie op hem en zijn familie legt. Hij vraagt een invloedrijk persoon om bemiddeling omdat hij bij de officiële instanties (het stadhuis/de heer Wuijs) niet binnenkomt.
* Financiële nood: Er is een aanzienlijke inkomensachteruitgang vergeleken met 1939 (van 1600 naar 1200 gulden), terwijl de lasten (verzekeringen, zorg voor moeder en studerende broers/zussen) doorlopen.
* Psychische staat: De tekst is doorspekt met termen als "gal uitspuwen", "overspannen", "kapot gaan" en "piekeren". De auteur voelt zich een nummer in een systeem dat hem negeert.
* Sociaal-economisch detail: De vermelding van een "puissant rijke" aanstaande zwager die notaris is, duidt op een poging om aan te tonen dat hij een goede achtergrond heeft en na de oorlog weer succesvol kan zijn, mits hij nu geholpen wordt. Dit document stamt uit de Mobilisatieperiode (1939-1940) in Nederland. Terwijl het leger zich voorbereidde op een mogelijke Duitse inval, ontstonden er grote sociale problemen onder gemobiliseerde mannen die hun bedrijf of gezin onverzorgd achterlieten. De bureaucratie op de stadhuizen kon de stroom aanvragen voor steun of verlof vaak niet aan, wat leidde tot grote frustratie onder de burger-soldaten. De "Heer Wuijs" (of Wijs) waarnaar verwezen wordt, was vermoedelijk een ambtenaar belast met sociale zaken of de uitvoering van de steunregelingen in Amsterdam. De locatie (Centrale Markt) was destijds het hart van de Amsterdamse voedseldistributie. H.G. Ruhe Stadhuis