Getypte brief (doorslag of kopie) met handgeschreven kanttekening.
Origineel
Getypte brief (doorslag of kopie) met handgeschreven kanttekening. 17 October 1940. Onbekend (vermoedelijk een hoge ambtenaar of secretaris van de gemeente Amsterdam). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (Amsterdam). [Linksboven in potlood of inkt geschreven:] extra.
2A/7/4 M
VP/G.
17 October 1940
Maatregelen voor de
aardappelvoorziening.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. heden om spoedig advies ontvangen stuk no.950 L.M.1940 heb ik de eer U te berichten, dat ik U omtrent de maatregelen, welke worden getroffen ter bevordering van een goede aardappelvoorziening van Amsterdam, rapporteerde op 13 September jl. (onder no.2A/7/1 M). De bedoelde maatregelen, die op 1 October jl. in werking zyn getreden, gaan uit van de Nederlandsche Akkerbouw Centrale te 's-Gravenhage; de Gemeente heeft hierby geen andere taak dan mede te werken by de contrôle op de gestelde voorschriften.
Vóór de bovenbedoelde voorschriften in werking traden, werd de aardappelvoorziening van Amsterdam verzorgd door grossiers, die de producten by de boeren inkochten en ze op de Centrale Markt aan den kleinhandel verhandelden. Het aardappelverbruik van Amsterdam bedroeg de laatste jaren ± 1750 ton per week.
Blykens een op 4 dezer door de Nederlandsche Akkerbouw-Centrale aan het Gemeentebestuur gerichten brief (No. 863 L.M.1940) heeft deze Centrale aan de organisatie van groothandelaren (plaatselyke afdeeling van de V.B.N.A.) opgedragen ervoor te zorgen, dat hier ter stede steeds voor 2 weken voorraad, dat wil zeggen 4800 ton aardappelen aanwezig is. De Centrale rekent derhalve met een belangryke styging van het aardappelverbruik, aangezien tot nu toe voor 2 weken voorraad zeker met 3500 à 4000 ton kon worden volstaan. Volgens verklaring van den secretaris van de bovengenoemde organisatie heden gedaan, is een voorraad van 4800 ton momenteel in Amsterdam inderdaad - en wel ruimschoots - aanwezig.
Voorts deelde deze secretaris my mede, dat de Akkerbouw-Centrale bovendien opdracht heeft gegeven, tot het aanleggen van een specialen wintervoorraad van aardappelen, voldoende voor het verbruik van ± 6 weken. Met het aanleggen van dezen voorraad zal binnenkort door de organisatie van den groothandel een aanvang worden gemaakt. * Taalgebruik: Het document is opgesteld in formeel, ambtelijk Nederlands met de destijds gebruikelijke spelling (bijv. "zyn", "styging", "dezen").
* Inhoud: De brief informeert de wethouder over de centralisatie van de aardappelvoorziening. De vrije markt (grossiers die rechtstreeks bij boeren inkopen) wordt vervangen door centrale regie vanuit de Nederlandsche Akkerbouw Centrale (NAC) in Den Haag.
* Kerngegevens:
* Het wekelijkse verbruik in Amsterdam was voorheen ca. 1750 ton.
* De nieuwe verplichte voorraad is vastgesteld op 4800 ton voor twee weken, wat duidt op een verwachte stijging van het verbruik (naar ca. 2400 ton per week).
* Er wordt een extra wintervoorraad voor 6 weken aangelegd.
* Opvallend: De gemeente Amsterdam heeft zelf weinig zeggenschap meer; zij voert enkel nog controle uit op de regels die vanuit Den Haag (en indirect de bezetter) worden opgelegd. Dit document stamt uit de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland (oktober 1940). De bezetter begon direct met het centraliseren van de voedselvoorziening om schaarste te beheersen en de distributie te controleren. De aardappel was als volksvoedsel nummer één van strategisch belang. De stijging van het verwachte verbruik (van 1750 naar 2400 ton per week) is waarschijnlijk te verklaren door het feit dat andere voedingsmiddelen (zoals vlees en vetten) reeds schaarser werden of op de bon gingen, waardoor de bevolking meer afhankelijk werd van aardappelen. De V.B.N.A. (Vereniging van Bonden van Nederlandse Aardappelhandelaren) fungeerde hierbij als uitvoerend orgaan onder toezicht van de Rijksdienst.