Doorslag van een ambtelijke brief.
Origineel
Doorslag van een ambtelijke brief. 25 juli 1940. De Directeur (dienst onbekend, mogelijk van een keuringsdienst of economische controledienst). [Bovenaan rechts, gedeeltelijk onleesbaar door beschadiging:]
den Heer Direc[teur der Neder]landsche
Groenten-[en Fruit]centrale,
Laan Copes van Cattenburch 62,
's-Gravenhage.
[Links:]
2B̶62/2 M.
[Midden:]
2
[Rechts:]
25 Juli 1940.
[Body tekst:]
In bijlage dezes heb ik de eer U een aanvraagformulier voor een erkenning als kleinhandelaar in groenten en fruit ten name van F. Elmers, benevens een afschrift van een daarop betrekking hebbend rapport van den contrôleur Felthuis van mijn dienst, te doen toekomen. Volgens deze gegevens kan adressant mijns inziens niet voor een erkenning, ook niet voor een tijdelijke, in aanmerking komen.
[Ondertekening:]
De Directeur, Het document is een zakelijke correspondentie waarin een negatief advies wordt gegeven over de aanvraag van een erkenning (vergunning) als kleinhandelaar. De aanvrager, F. Elmers, wordt op basis van een rapport van een controleur (Felthuis) ongeschikt geacht voor de handel in groenten en fruit. De toon is strikt formeel en ambtelijk. Opvallend is dat de afwijzing categorisch is: zelfs een tijdelijke erkenning wordt uitgesloten. De datum van de brief, 25 juli 1940, plaatst het document in de vroege maanden van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale (gevestigd aan de Laan Copes van Cattenburch 62 in Den Haag) was een crisisorganisatie die de productie en distributie van tuinbouwproducten reguleerde. In deze periode werd de economie steeds meer centraal aangestuurd en aan banden gelegd door vergunningstelsels, mede om de voedselvoorziening te beheersen en zwarte handel tegen te gaan. De weigering van een erkenning betekende in feite een beroepsverbod voor de betrokken persoon in deze sector. F. Elmers