Archief 745
Inventaris 745-307
Pagina 300
Dossier 105
Jaar 1940
Stadsarchief

Archiefdocument

13 September 1940. Van: De Directeur (naam niet vermeld, vermoedelijk van een overheidsinstantie of controle-orgaan). Aan: De Directie van de Nederlandsche Groente- en Fruitcentrale, Laan Copes van Cattenburch 62, 's-Gravenhage.

Origineel

13 September 1940. De Directeur (naam niet vermeld, vermoedelijk van een overheidsinstantie of controle-orgaan). De Directie van de Nederlandsche Groente- en Fruitcentrale, Laan Copes van Cattenburch 62, 's-Gravenhage. [Links boven:]
2B/110/2 M.

[Midden boven:]
vP/HG.

[Rechts boven, handgeschreven:]
m. [onleesbaar]
m de [onleesbaar]

[Midden, handgeschreven:]
Verzonden 13/9

[Rechts midden:]
13 September 1940.

de Directie van de Nederlandsche
Groente- en Fruitcentrale,
Laan Copes van Cattenburch 62,
's-Gravenhage.

Naar aanleiding van Uw brief d.d. 6 dezer (Dict.
dSm. Typ IC Afd. Erkenningen) heb ik de eer U te berichten, dat
het mij vooralsnog niet wenschelijk lijkt, de voor den tijd
van vier maanden verstrekte tijdelijke vergunningen thans
definitief te doen verleenen. Anderzijds kan ik mij voorstel-
len, dat, nu de omstandigheden, die tot uitreiking der tijde-
lijke erkenning aanleiding gaven, nog niet zijn gewijzigd, de
bedoelde erkenningen thans niet aan belanghebbenden kunnen
worden ontnomen. Ik geef U daarom beleefd in overweging de
bedoelde erkenningen, onder handhaving van haar tijdelijk
karakter, voorloopig tot wederopzegging te verlengen. Afge-
wacht kan dan worden, of de situatie in den vischhandel
spoedig zoodanig zal verbeteren, dat intrekking der bedoelde
tijdelijke erkenningen mogelijk wordt, of wel, dat op den duur
de bedoelde erkenningen definitief kunnen worden gemaakt.
Voor de goede orde wijs ik er nog op, dat met mij
niet werd afgesproken, dat ook bloemenventers een tijdelijke
erkenning zouden kunnen krijgen. Hiertoe bestaat mijns inziens
vooralsnog geen aanleiding.

De Directeur, * Onderwerp: Het verlengen van tijdelijke vergunningen (erkenningen) voor handelaren, specifiek in de vissector.
* Kernboodschap: De afzender weigert de tijdelijke vergunningen (met een oorspronkelijke duur van vier maanden) om te zetten in permanente vergunningen. Vanwege de ongewijzigde (moeilijke) omstandigheden stelt hij echter voor de vergunningen voorlopig te verlengen "tot wederopzegging".
* Uitsluiting: Er wordt expliciet vermeld dat bloemenventers niet in aanmerking komen voor een dergelijke regeling.
* Taalgebruik: Formeel ambtelijk Nederlands ("heb ik de eer U te berichten", "beleefd in overweging"). * Historische context: De brief dateert van september 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode werden veel distributie- en handelsorganen onder strenger toezicht gesteld of gereorganiseerd om de voedselvoorziening te controleren.
* De Nederlandsche Groente- en Fruitcentrale: Dit was een overkoepelend orgaan dat in de oorlogsjaren een cruciale rol speelde in de regulering van de handel en prijzen van tuinbouwproducten.
* Economische situatie: De verwijzing naar de situatie in de "vischhandel" en het tijdelijke karakter van de erkenningen duidt op de economische onzekerheid en schaarste aan het begin van de oorlog. De overheid probeerde grip te houden op het aantal straatventers en handelaren door middel van een strikt vergunningenbeleid.

Samenvatting

  • Onderwerp: Het verlengen van tijdelijke vergunningen (erkenningen) voor handelaren, specifiek in de vissector.
  • Kernboodschap: De afzender weigert de tijdelijke vergunningen (met een oorspronkelijke duur van vier maanden) om te zetten in permanente vergunningen. Vanwege de ongewijzigde (moeilijke) omstandigheden stelt hij echter voor de vergunningen voorlopig te verlengen "tot wederopzegging".
  • Uitsluiting: Er wordt expliciet vermeld dat bloemenventers niet in aanmerking komen voor een dergelijke regeling.
  • Taalgebruik: Formeel ambtelijk Nederlands ("heb ik de eer U te berichten", "beleefd in overweging").

Historische Context

  • Historische context: De brief dateert van september 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode werden veel distributie- en handelsorganen onder strenger toezicht gesteld of gereorganiseerd om de voedselvoorziening te controleren.
  • De Nederlandsche Groente- en Fruitcentrale: Dit was een overkoepelend orgaan dat in de oorlogsjaren een cruciale rol speelde in de regulering van de handel en prijzen van tuinbouwproducten.
  • Economische situatie: De verwijzing naar de situatie in de "vischhandel" en het tijdelijke karakter van de erkenningen duidt op de economische onzekerheid en schaarste aan het begin van de oorlog. De overheid probeerde grip te houden op het aantal straatventers en handelaren door middel van een strikt vergunningenbeleid.

Gerelateerde Documenten 6