Getypte ambtelijke brief met handgeschreven aantekeningen.
Origineel
Getypte ambtelijke brief met handgeschreven aantekeningen. 12 september 1940. Een ongenoemde directeur (waarschijnlijk van een gemeentelijke markt- of controledienst). De Directie van de Nederlandsche Groente- en Fruitcentrale, Laan Copes van Cattenburch 62, 's-Gravenhage. (Handgeschreven notities bovenin, deels onduidelijk):
In Munck [?]
ter herinnering a tempore [?]
VP/HG.
GW [initialen]
(Getypt):
de Directie van de Nederlandsche
Groente- en Fruitcentrale,
Laan Copes van Cattenburch 62,
's-G r a v e n h a g e .
2B/114/2 M. 2 12 September 1940.
In bijlage dezes heb ik de eer U een aanvraag om erkenning
als kleinhandelaar in gewassen van den tuinbouw te doen toekomen
ten name van E.de Valença, geboren 20 Augustus 1907. Ik voeg
hierbij afschrift van een op 10 dezer door den contrôleur Felt-
huis van mijn dienst opgemaakt rapport, waaruit blijkt, dat niet
is bewezen, dat De Valença voornoemd ooit in den kleinhandel in
gewassen van den tuinbouw is werkzaam geweest. Daar hij bovendien
bloemenkoopman is, kan hij mijns inziens ook niet voor een tijde-
lijke erkenning in aanmerking komen, aangezien tijdelijke erken-
ningen alleen aan vischkooplieden worden verstrekt.
De Directeur, * Inhoud: De brief vormt een negatief advies bij de doorzending van een vergunningsaanvraag. De schrijver stelt dat de aanvrager, de heer E. de Valença, niet voldoet aan de eisen voor erkenning als groente- en fruithandelaar.
* Argumentatie: Er worden drie redenen genoemd voor de afwijzing:
1. Uit een rapport van contrôleur Felthuis blijkt dat de aanvrager geen aantoonbare ervaring heeft in de kleinhandel van tuinbouwgewassen.
2. De aanvrager is reeds werkzaam als bloemenkoopman.
3. Een tijdelijke erkenning is volgens de vigerende regels enkel voorbehouden aan visverkopers.
* Stijl: Formeel ambtelijk taalgebruik ("heb ik de eer U... te doen toekomen", "in bijlage dezes"). Dit document stamt uit de vroege periode van de Duitse bezetting van Nederland (september 1940). De Nederlandsche Groente- en Fruitcentrale (NGF) was een door de bezetter gecontroleerd orgaan dat de gehele handel en distributie van tuinbouwproducten reguleerde om de voedselvoorziening (en export naar Duitsland) te beheersen.
De naam De Valença is een bekende Sefardisch-Joodse naam. In de herfst van 1940 begonnen de bezettingsautoriteiten met de registratie van Joodse ondernemingen en het beperken van de economische bewegingsvrijheid van Joden. Hoewel de afwijzing in deze brief op puur bureaucratische gronden lijkt te rusten (gebrek aan vakkennis/ervaring), past de strenge handhaving van dergelijke regels in het klimaat van toenemende uitsluiting. Veel Joodse handelaren probeerden in deze periode hun broodwinning te verleggen of officieel vast te leggen voordat de verordeningen (zoals de Ariërverklaring en de onteigening van Joodse bedrijven) volledig van kracht werden.