Getypte brief (waarschijnlijk een doorslag).
Origineel
Getypte brief (waarschijnlijk een doorslag). 2 september 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt of de Dienst voor de Levensmiddelen). [Handgeschreven in inkt:] Verzonden 2/9
[Rechtsboven:] HG.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
5/50/1 M. 1 2 September 1940.
In bijlage dezes heb ik de eer U een overzicht te doen geworden, bijgewerkt tot op 31 Augustus 1940, van de prijzen van enkele op de Centrale Markt verhandelde levensmiddelen.
Ik moge U beleefd verzoeken, mij den bereids in Uw bezit zijnden staat te willen doen terugzenden.
De Directeur, Deze ambtelijke brief is een formeel begeleidend schrijven bij een bijlage (die hier niet aanwezig is). Het betreft een periodiek overzicht van de prijzen van levensmiddelen die op de Centrale Markt worden verhandeld. De directeur verzoekt de wethouder om de verouderde lijst (de "reeds in Uw bezit zijnden staat") te retourneren, wat wijst op een strakke administratieve controle op documentatie. Het taalgebruik is uiterst hoffelijk en formeel ("heb ik de eer", "moge U beleefd verzoeken"), kenmerkend voor de ambtelijke correspondentie van die tijd. Het document dateert van september 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De voedselvoorziening en prijsbeheersing waren in deze periode van kritiek belang. De Centrale Markt (waarschijnlijk die van Amsterdam) was het spilpunt voor de distributie van versproducten. Zowel de Nederlandse gemeentebesturen als de bezetter hielden de prijzen nauwgezet in de gaten om inflatie, zwarte handel en tekorten te beheersen. Deze brief toont aan dat de reguliere bureaucratische processen met betrekking tot de voedselvoorziening direct na de capitulatie werden voortgezet onder toezicht van het lokale bestuur.
Samenvatting
Deze ambtelijke brief is een formeel begeleidend schrijven bij een bijlage (die hier niet aanwezig is). Het betreft een periodiek overzicht van de prijzen van levensmiddelen die op de Centrale Markt worden verhandeld. De directeur verzoekt de wethouder om de verouderde lijst (de "reeds in Uw bezit zijnden staat") te retourneren, wat wijst op een strakke administratieve controle op documentatie. Het taalgebruik is uiterst hoffelijk en formeel ("heb ik de eer", "moge U beleefd verzoeken"), kenmerkend voor de ambtelijke correspondentie van die tijd.
Historische Context
Het document dateert van september 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De voedselvoorziening en prijsbeheersing waren in deze periode van kritiek belang. De Centrale Markt (waarschijnlijk die van Amsterdam) was het spilpunt voor de distributie van versproducten. Zowel de Nederlandse gemeentebesturen als de bezetter hielden de prijzen nauwgezet in de gaten om inflatie, zwarte handel en tekorten te beheersen. Deze brief toont aan dat de reguliere bureaucratische processen met betrekking tot de voedselvoorziening direct na de capitulatie werden voortgezet onder toezicht van het lokale bestuur.