Archief 745
Inventaris 745-309
Pagina 76
Dossier 83
Jaar 1940
Stadsarchief

Archiefdocument

12 november 1940. Van: Een niet bij naam genoemde ambtenaar (mogelijk van de Dienst voor de Levensmiddelen). Aan: De Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (Amsterdam).

Origineel

12 november 1940. Een niet bij naam genoemde ambtenaar (mogelijk van de Dienst voor de Levensmiddelen). De Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (Amsterdam). 5/64/2 M
n. 5

extra (handgeschreven)
VP/G.

12 November 1940.

Pryzen van kaas en groente.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.

Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 1 dezer om advies ontvangen stuk no. 755 L.M. 1940 heb ik de eer U te berichten, dat dit stuk my aanleiding geeft tot de volgende opmerkingen.

Na de in dit stuk aangegeven daling in de veilingpryzen van bloemkool in de periode van 29 Juli tot 6 Augustus jl. zyn die pryzen blykbaar wederom gestegen; omstreeks midden Augustus bedroegen zy op de veilingen Loosduinen, Langendyk en De Streek (al naar groote en qualiteit):
f 7,- tot f 15,-: )
eind Augustus: f 3,50 tot f 19,-: ) per 100 stuks
midden September: f 2,50 tot f 15,-: )
(dit zyn uiterste pryzen, die zoowel de kleinste exemplaren en de slechtste qualiteiten als de extra goede qualiteiten omvatten).

De marktpryzen te Amsterdam, die in de week van 29 Juli tot 3 Augustus voor Ie, IIe en IIIe qualiteit resp. 22, 16 en 9 cent per stuk beliepen, waren van 5 tot 10 Augustus resp. 18, 12 en 9 cent en hebben zich tot midden September bewogen:
Ie qualiteit van 16-20 cent )
IIe qualiteit van 12-15 cent ) per stuk
IIIe qualiteit van 8 -10 cent. )

Hierdoor ontstaat een ander beeld van de winsten, die door den handel worden gemaakt, dan in het in den aanhef bedoelde stuk wordt gegeven.

In onderstaand staatje geef ik nog een overzicht van markt- en winkelpryzen van bloemkool over de periode van 29 Augustus tot 2 November jl, waaruit van buitensporige winsten door den kleinhandel evenmin iets blykt als dit uit het bovenstaande ten aanzien van den groothandel is gebleken. Dit document is een ambtelijke reactie op een eerdere rapportage (stuk no. 755 L.M. 1940) betreffende de winstmarges in de groentehandel. De kern van het betoog is dat de eerdere conclusies over mogelijke prijsopdrijving of woekerwinsten onjuist waren, omdat ze gebaseerd waren op een tijdelijke daling van de veilingprijzen eind juli/begin augustus 1940.

De auteur onderbouwt dit met specifieke data:
1. Veilingprijzen: Hij toont aan dat de prijzen op veilingen zoals Loosduinen na 6 augustus weer stegen en tot midden september aanzienlijk fluctueerden (tussen f 2,50 en f 19,- per 100 stuks).
2. Consumentenprijzen: Hij vergelijkt dit met de marktprijzen per stuk in Amsterdam voor verschillende kwaliteitsklassen.
3. Conclusie: Op basis van deze cijfers stelt de auteur dat er geen sprake is van "buitensporige winsten" door zowel de groot- als de kleinhandel. De winstmarges bleven binnen het redelijke wanneer de fluctuaties op de veiling over een langere periode werden bekeken. Het document dateert van november 1940, slechts enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de voedselvoorziening een cruciaal en gevoelig politiek dossier.

De "Wethouder voor de Levensmiddelen" (in Amsterdam was dit destijds de pro-Duitse wethouder Smit, hoewel dit document gericht is aan de functie) had de taak om de distributie en prijsvorming van voedsel te controleren. De bezetter en de Nederlandse overheid wilden koste wat kost voorkomen dat er onrust ontstond door voedselschaarste of zwartehandelsprijzen. Dit document illustreert de nauwgezette bureaucratische controle op de markt: ambtenaren moesten rapporten over winstmarges verifiëren om te bepalen of de handel zich aan de prijsvoorschriften hield. Het toont aan dat men in de eerste oorlogsmaanden nog probeerde de marktwerking te monitoren met gedetailleerde prijsvergelijkingen.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijke reactie op een eerdere rapportage (stuk no. 755 L.M. 1940) betreffende de winstmarges in de groentehandel. De kern van het betoog is dat de eerdere conclusies over mogelijke prijsopdrijving of woekerwinsten onjuist waren, omdat ze gebaseerd waren op een tijdelijke daling van de veilingprijzen eind juli/begin augustus 1940.

De auteur onderbouwt dit met specifieke data:
1. Veilingprijzen: Hij toont aan dat de prijzen op veilingen zoals Loosduinen na 6 augustus weer stegen en tot midden september aanzienlijk fluctueerden (tussen f 2,50 en f 19,- per 100 stuks).
2. Consumentenprijzen: Hij vergelijkt dit met de marktprijzen per stuk in Amsterdam voor verschillende kwaliteitsklassen.
3. Conclusie: Op basis van deze cijfers stelt de auteur dat er geen sprake is van "buitensporige winsten" door zowel de groot- als de kleinhandel. De winstmarges bleven binnen het redelijke wanneer de fluctuaties op de veiling over een langere periode werden bekeken.

Historische Context

Het document dateert van november 1940, slechts enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de voedselvoorziening een cruciaal en gevoelig politiek dossier.

De "Wethouder voor de Levensmiddelen" (in Amsterdam was dit destijds de pro-Duitse wethouder Smit, hoewel dit document gericht is aan de functie) had de taak om de distributie en prijsvorming van voedsel te controleren. De bezetter en de Nederlandse overheid wilden koste wat kost voorkomen dat er onrust ontstond door voedselschaarste of zwartehandelsprijzen. Dit document illustreert de nauwgezette bureaucratische controle op de markt: ambtenaren moesten rapporten over winstmarges verifiëren om te bepalen of de handel zich aan de prijsvoorschriften hield. Het toont aan dat men in de eerste oorlogsmaanden nog probeerde de marktwerking te monitoren met gedetailleerde prijsvergelijkingen.

Kooplieden in dit dossier 53

A.E.G. Olympia accoord
A.E.G. Olympia accoord
Andijker blauwen 11.216
Andijker blauwen 11216
Andijker blauwen
Andijker blauwen 11.216
J. Zand 1770
J. Zand 1.770
J. Zand 1.770
Anna Paulowna zandaardappelen
Drentsche zandaardappelen
Drentsche zandaardappelen 133.228
Drentsche zandaardappelen 133.228
Friesche bintjes 129.941
Friesche bintjes
Friesche bintjes 129.941
Friesche bintjes 129941
Hillegommer muizen 5.428
Hillegommer muizen 5428
Hillegommer muizen 5.428
IJpolder muizen
IJpolder muizen 3.843
IJpolder muizen 3.843
Alle 53 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6