Archiefdocument
Origineel
22 januari 1940. Ministerie van Economische Zaken, Rijksbureau voor Metalen. Algemene circulatie/betrokken ondernemingen. MINISTERIE VAN ECONOMISCHE ZAKEN
RIJKSBUREAU VOOR METALEN
's-GRAVENHAGE
VERVOLGBLAD 1.
22 Januari 1940
Ondernemingen, welke in eigen bedrijf zelf vervaardigde metalen in den zin der Metaalbeschikking 1939 No. 1 be- of verwerken, moeten over deze metalen aan het Rijksbureau voor Metalen een omslag betalen, welke overeenkomt met den kostenomslag, die bij aflevering door Nederlandsche producenten over de betreffende metalen is verschuldigd.
V. Bij aflevering van oude metalen aan den verbruiker en bij import van oude metalen door den verbruiker.
De redactie van de 2e alinea wordt als volgt gewijzigd:
Bij aflevering van oude metalen aan den binnenlandschen verbruiker en bij import daarvan door dezen verbruiker (b.v. staalfabrieken, Hoogovenbedrijf, lood- en zinkfabrieken, gieterijen, enz.) moet de onderneming, welke deze metalen aflevert, respectievelijk de verbruiker, die deze metalen importeert, een kostenomslag aan het Rijksbureau voor Metalen voldoen, als hieronder is aangegeven:
Zie specificatie, aangegeven in kostenomslag d.d. 30 December 1939.
RIJKSBUREAU VOOR METALEN,
De Directeur,
[Handtekening] * Kernboodschap: Het document specificeert en wijzigt de regels omtrent een verplichte financiële afdracht ("kostenomslag") aan de overheid voor het gebruik, de levering en de import van metalen, met een specifieke focus op schroot (oude metalen).
* Regulering: Bedrijven die metalen voor eigen gebruik produceren, worden nu gelijkgesteld met producenten die aan derden leveren wat betreft de verschuldigde heffing.
* Doelgroep: De tekst noemt expliciet de zware industrie: staalfabrieken, het Hoogovenbedrijf (IJmuiden), lood- en zinkfabrieken en gieterijen.
* Administratieve koppeling: Er wordt verwezen naar een eerdere specificatie van 30 december 1939, wat duidt op een snelle opeenvolging van regelgeving in deze periode. * Historische periode: Januari 1940 valt in de periode van de "Schemeroorlog" (Phoney War). Nederland is op dit moment nog neutraal, maar de algehele mobilisatie is van kracht en de overheid bereidt zich intensief voor op een mogelijke oorlogssituatie.
* Grondstoffenschaarste: De oprichting van het "Rijksbureau voor Metalen" (onderdeel van de Rijksbureaus voor de Voedselvoorziening en de Distributie) was noodzakelijk om grip te krijgen op strategische voorraden. Metalen waren essentieel voor de defensie-industrie en de algemene economie.
* Economische controle: De "Metaalbeschikking 1939 No. 1" was een direct gevolg van de Distributiewet van 1939. De overheid greep hiermee diep in op de vrije markt om prijsstijgingen te voorkomen, voorraden te beheersen en via de "kostenomslag" de werking van de Rijksbureaus te financieren.
* Belang van schroot: De nadruk op "oude metalen" in paragraaf V onderstreept hoe belangrijk recycling en de binnenlandse stroom van herbruikbare grondstoffen werden naarmate de internationale handel door de oorlogsdreiging moeilijker werd.