Dienstbrief / Doorslag van een verzonden brief.
Origineel
Dienstbrief / Doorslag van een verzonden brief. 19 juni 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten, gezien de handgeschreven kanttekening en inhoud). 7/14/2 II Verzonden 20/6 [handgeschreven] VP/G.
19 Juni 1940.
den Heer Directeur van den
Dienst der Gemeentelyke Wasch-, en
Schoonmaak-, Bad- en Zweminrich-
tingen,
Nieuwe Looiersdwarsstraat 9-17,
Amsterdam-Centrum.
Wyk 4.
Centrale Markten de [handgeschreven marginalia]
Naar aanleiding van Uw circulaire d.d. 12 Juni jl.
(No. 1978 W.S.B.Z.) heb ik de eer U te berichten, dat de door
U voorgestelde nieuwe regeling van uitgifte van handdoeken
voor het hoofdkantoor van myn dienst geen bezwaar oplevert.
Echter zou ik het op prys stellen, indien voor de marktkan-
toren (Albert Cuypstraat, Waterlooplein, Noordermarkt en
Ten Katestraat) de oude regeling kon worden gehandhaafd. De
handdoeken zyn daar ook thans reeds in nauwelyks voldoende
mate aanwezig.
De Directeur, * Inhoud: De brief is een reactie op een circulaire (nr. 1978 W.S.B.Z.) van de Amsterdamse gemeentelijke wasdienst betreffende een nieuwe, waarschijnlijk beperkende, regeling voor de uitgifte van handdoeken. De afzender gaat akkoord voor het hoofdkantoor, maar vraagt om een uitzondering voor de marktkantoren op specifieke locaties (Albert Cuypmarkt, Waterlooplein, Noordermarkt en Ten Katestraat).
* Argumentatie: De afzender voert aan dat de voorraad handdoeken op deze marktkantoren momenteel al nauwelijks toereikend is, waardoor een nieuwe (strenge) regeling tot problemen zou leiden.
* Taalgebruik: Het document hanteert de destijds gebruikelijke formele ambtelijke spelling (bijv. "Gemeentelyke", "myn", "prys", "zyn") waarbij de 'y' vaak werd gebruikt in plaats van de 'ij'.
* Fysieke staat: De tekst is getypt op een doorslagvel (carbonkopie), wat gebruikelijk was voor het archiveren van verzonden correspondentie. * Historische context: De brief is gedateerd 19 juni 1940, slechts vijf weken na de Nederlandse capitulatie en het begin van de Duitse bezetting. In deze periode begon de schaarste aan diverse goederen merkbaar te worden, wat leidde tot strengere regulering van middelen binnen gemeentelijke diensten.
* Institutionele context: De Dienst der Gemeentelijke Wasch-, en Schoonmaak-, Bad- en Zweminrichtingen was verantwoordelijk voor de hygiëne binnen Amsterdamse overheidsgebouwen. Handdoeken waren een schaars goed aan het worden door de beperkte aanvoer van textiel.
* Locaties: De genoemde markten (Albert Cuyp, Waterlooplein, etc.) waren en zijn centrale economische punten in de stad Amsterdam. De marktkantoren huisvestten het personeel dat belast was met het markttoezicht en de administratie ter plaatse.