Archief 745
Inventaris 745-311
Pagina 4
Dossier 75
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypte ambtelijke brief of circulaire (pagina 2).

Vermoedelijk eind 1939 (gezien de referentie naar 1 januari 1940). Van: De Wethouder voor de Pensioenen (Kropman).

Origineel

Getypte ambtelijke brief of circulaire (pagina 2). Vermoedelijk eind 1939 (gezien de referentie naar 1 januari 1940). De Wethouder voor de Pensioenen (Kropman). -2-

het overige deel van het jaar 1939 geen oververdiensten hebben kunnen genieten, is geen sprake.

U gelieve het vorenstaande weder ter kennis te brengen van de hoofden der onder U ressorteerende takken van dienst en dezen te verzoeken na 1 Januari 1940 onverwijld voorstellen in te dienen tot herziening in bovenbedoelden zin van alle daarvoor in aanmerking komende pensioengrondslagen met ingang van dien datum.

Van deze gelegenheid maak ik gebruik nog onder Uw aandacht te brengen, mede naar aanleiding van een daaromtrent aan het Pensioenbureau gestelde vraag, dat ten aanzien van een ambtenaar of werkman, die wordt geschorst onder stilstand van salaris of loon, zoo mogelijk ook over den tijd der schorsing, welke, naar in de praktijk is gebleken, bij latere toekenning van pensioen als voor pensioen geldige diensttijd wordt beschouwd, verhaal van pensioenpremies dient te geschieden. Deze gedragslijn wijkt af van die, vervat in het voorschrift van art. 3 der Verordening tot regeling van het verhaal op de ambtenaren van een gedeelte der bijdragen door de Gemeente verschuldigd ingevolge art. 36 van de Pensioenwet-1922. Deze verordening is echter op 1 Juli 1934, den datum sedert welken het premieverhaal bij de Wet imperatief is voorgeschreven, buiten werking getreden.

Ik verzoek U de hoofden der onder U ressorteerende takken van dienst tevens op bedoelde veranderde gedragslijn te wijzen.

De Wethouder voor de Pensioenen,

KROPMAN. De tekst is een ambtelijke instructie betreffende pensioenregelingen voor gemeenteambtenaren. Er vallen twee hoofdzaken op:
1. Herziening pensioengrondslagen: Diensthoofden moeten per 1 januari 1940 voorstellen indienen om de pensioengrondslagen te herzien voor personeel dat in 1939 geen "oververdiensten" (extra inkomen boven het basissalaris) heeft genoten.
2. Premieverhaal bij schorsing: Er wordt verduidelijkt dat wanneer een ambtenaar geschorst is zonder behoud van salaris, de pensioenpremies over die periode alsnog verhaald moeten worden. Dit is noodzakelijk omdat die periode in de praktijk wel meetelt als pensioengerechtigde diensttijd.
3. Juridische grondslag: De schrijver wijst erop dat een oude verordening uit 1934 niet meer van kracht is, omdat de landelijke Pensioenwet-1922 sindsdien dwingend ("imperatief") voorschrijft dat premies verhaald moeten worden. De ondertekenaar "KROPMAN" verwijst naar dr. N.W.M. Kropman, die in die periode wethouder was in Amsterdam (onder andere voor Pensioenen en Bedrijven). Het document weerspiegelt de bureaucratische zorgvuldigheid van de Nederlandse gemeentelijke administratie aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. De pensioenwetgeving voor ambtenaren was in die tijd volop in ontwikkeling om landelijk uniformer te worden, waarbij de autonomie van gemeentelijke verordeningen soms moest wijken voor nationale wetgeving zoals de Pensioenwet-1922. De nadruk op "oververdiensten" suggereert een periode van economische fluctuatie of veranderende loonstructuren vlak voor de bezetting.

Samenvatting

De tekst is een ambtelijke instructie betreffende pensioenregelingen voor gemeenteambtenaren. Er vallen twee hoofdzaken op:
1. Herziening pensioengrondslagen: Diensthoofden moeten per 1 januari 1940 voorstellen indienen om de pensioengrondslagen te herzien voor personeel dat in 1939 geen "oververdiensten" (extra inkomen boven het basissalaris) heeft genoten.
2. Premieverhaal bij schorsing: Er wordt verduidelijkt dat wanneer een ambtenaar geschorst is zonder behoud van salaris, de pensioenpremies over die periode alsnog verhaald moeten worden. Dit is noodzakelijk omdat die periode in de praktijk wel meetelt als pensioengerechtigde diensttijd.
3. Juridische grondslag: De schrijver wijst erop dat een oude verordening uit 1934 niet meer van kracht is, omdat de landelijke Pensioenwet-1922 sindsdien dwingend ("imperatief") voorschrijft dat premies verhaald moeten worden.

Historische Context

De ondertekenaar "KROPMAN" verwijst naar dr. N.W.M. Kropman, die in die periode wethouder was in Amsterdam (onder andere voor Pensioenen en Bedrijven). Het document weerspiegelt de bureaucratische zorgvuldigheid van de Nederlandse gemeentelijke administratie aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. De pensioenwetgeving voor ambtenaren was in die tijd volop in ontwikkeling om landelijk uniformer te worden, waarbij de autonomie van gemeentelijke verordeningen soms moest wijken voor nationale wetgeving zoals de Pensioenwet-1922. De nadruk op "oververdiensten" suggereert een periode van economische fluctuatie of veranderende loonstructuren vlak voor de bezetting.

Kooplieden in dit dossier 26

Gebouw Jan van Galenstraat 8/22 Waterlooplein
Sportveld nabij terrein Waterloosing [doorgehaald]
Stads-bank-van-leening, rek. 49
Strook Visseringkade gratis
Strook Vlissingkade zie 96/12/1 m
Terrein, bestemd voor de uitbreiding van het marktterrein Waterlooplein
Terreinstuk langs kade F id.
Waterleidingen, rek. 43

Gerelateerde Documenten 6