Dienstbrief van de Gemeente Amsterdam.
Origineel
Dienstbrief van de Gemeente Amsterdam. 26 april 1940. De Wethouder voor de Financiën (Floor Rusting). [Stempel/Aantekening rechtsboven:] Marktw.
GEMEENTE AMSTERDAM
№ 10/13/2 M. 1940 1/5
No. 316/20.4 Fin. '40.
[Handgeschreven aantekening links:] 284 Km. 1940
[Handgeschreven diagonaal:] in de Müller
Amsterdam, 26 April 1940.
MEN WORDT VERZOCHT BIJ HET ANTWOORD NAUWKEURIG HET NUMMER VAN DIT SCHRIJVEN EN DE AFDEELING TE VERMELDEN.
Hierbij heb ik de eer onder Uwe aandacht te brengen, dat tot op heden door de onder U ressorteerende diensten en bedrijven geen mededeelingen omtrent overschrijding van toegestane kredieten als bedoeld bij het besluit van Burgemeester en Wethouders van 8 Maart 1940, No. 316/20.4 Fin. werden ingezonden.
Ik moge U verzoeken te willen bevorderen, dat alsnog ten spoedigste door deze diensten en bedrijven aan den inhoud van voormeld besluit wordt voldaan.
De Wethouder voor de Financiën,
[Handtekening:] Rusting
Aan den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen, enz. Dit is een formele ambtelijke sommatie binnen het college van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam. De wethouder van Financiën spreekt zijn collega van Levensmiddelen aan op het feit dat de diensten die onder diens verantwoordelijkheid vallen, verzuimd hebben te rapporteren over budgetoverschrijdingen.
Er wordt specifiek verwezen naar een besluit van B&W van 8 maart 1940. De toon is beleefd ("ik heb de eer") maar dwingend ("ten spoedigste"). De brief is ondertekend door Floor Rusting, die van 1939 tot 1941 wethouder van Financiën in Amsterdam was. De aantekening "Marktw." duidt waarschijnlijk op de Dienst Marktwezen, die onder de wethouder van Levensmiddelen viel. De datum van de brief, 26 april 1940, is historisch zeer relevant. Het is slechts twee weken voor de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940). Hoewel Nederland nog neutraal was, verkeerde het land in staat van mobilisatie. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" had in deze periode een cruciale rol in het voorbereiden van de stad op mogelijke schaarste en distributie.
De "M." in het kenmerk staat zeer waarschijnlijk voor "Mobilisatie", wat aangeeft dat deze correspondentie deel uitmaakte van de buitengewone administratie rondom de oorlogsdreiging. Ondanks de naderende oorlog blijkt uit dit document dat de bureaucratische en financiële controlemechanismen van de gemeente Amsterdam tot op het laatste moment strikt werden gehandhaafd.