Ambtsbrief (doorslag of kopie).
Origineel
Ambtsbrief (doorslag of kopie). 29 november 1940. De Directeur (vermoedelijk van de dienst Marktwezen, Amsterdam). extra [handgeschreven]
vD/HG.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
Alhier.
20/47/1 M. 29 November 1940.
Verlenging tijdelijke
hulpmarkten.
Bij Besluit van Burgemeester en Wethouders d.d. 15 December 1939 no.854 L.M.1939 zijn de daarin genoemde tijdelijke hulpmarkten aangewezen voor ten hoogste één jaar, ingaande 1 Januari 1940. Bij besluit van Burgemeester en Wethouders d.d. 12 April 1940 no.342 L.M.1940 is met ingang van 15 April 1940 aangewezen als tijdelijke hulpmarkt van de brandstoffenmarkt, de Oudeschans (Oostzijde) van de brug bij de Nieuwe Batavierstraat tot de Oosterschekade.
Ik heb de eer U beleefd te verzoeken, wel te willen bevorderen, dat ingevolge artikel 7 lid 2 van de Verordening op den dienst van het Marktwezen, de tijdelijke hulpmarkten genoemd in bovenaangehaalde Besluiten, door Burgemeester en Wethouders met ingang van 1 Januari 1941 opnieuw voor den tijd van ten hoogste één jaar worden aangewezen.
De Directeur, * Inhoud: De brief is een formeel verzoek van de Directeur (van Marktwezen) aan de Wethouder voor de Levensmiddelen om de termijn van diverse hulpmarkten met een jaar te verlengen.
* Juridische basis: Er wordt verwezen naar artikel 7 lid 2 van de 'Verordening op den dienst van het Marktwezen'.
* Locaties: Er wordt specifiek verwezen naar een tijdelijke brandstoffenmarkt aan de Oudeschans (Oostzijde), tussen de Nieuwe Batavierstraat en de Oosterschekade in Amsterdam.
* Termijn: De oorspronkelijke aanwijzingen liepen tot eind 1940; de gevraagde verlenging gaat in op 1 januari 1941 voor de duur van maximaal één jaar. Dit document stamt uit de eerste winter van de Duitse bezetting van Nederland (november 1940). De instelling van "hulpmarkten", en specifiek een "brandstoffenmarkt", wijst op de distributieproblemen en schaarste die ontstonden als gevolg van de oorlogssituatie. De overheid probeerde via dergelijke tijdelijke markten de verdeling van schaarse goederen (zoals kolen en voedsel) te reguleren. De genoemde locaties (Oudeschans, Nieuwe Batavierstraat) situeren dit document in de Amsterdamse Lastage-buurt, een wijk die grenst aan de toenmalige Jodenbuurt, wat in de oorlogsjaren een extra beladen context geeft aan logistieke en distributieve maatregelen.