Archief 745
Inventaris 745-314
Pagina 240
Dossier 21
Jaar 1940
Stadsarchief

Ambtelijke brief/memorandum (doorslag van een getypt origineel).

25 september 1940. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Markten of een gerelateerde gemeentelijke dienst). Aan: Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (Amsterdam).

Origineel

Ambtelijke brief/memorandum (doorslag van een getypt origineel). 25 september 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Markten of een gerelateerde gemeentelijke dienst). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (Amsterdam). Extra

VP/HG.

21/39/2 H.
25 September 1940.

Kwijtschelding marktgeld brand-
stoffenmarkten ten name van A.Mohr.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat A.Mohr, Noorderkerkstraat 16 I, die onder andere met het vaartuig no.1951 groot 106 ton ligplaats heeft gekozen voor het kalenderjaar 1940 aan de brandstoffenmarkten hier ter stede mij heeft bericht, dat het bedoelde vaartuig op 23 September jl. is verkocht en niet meer aan de markten wordt gebruikt. Het terzake verschuldigde marktgeld ten bedrage van ƒ 106,- wordt door Mohr in vier kwartaalstermijnen betaald. Hij verzoekt thans hem het sedert 23 September jl. verschuldigde bedrag kwijt te schelden. Inwilliging van dit verzoek lijkt mij billijk. Indien hij het marktgeld volgens het tarief per kalendermaand had betaald, zou hij tot 23 September jl. zijn schuldig geweest: 9 x 106 x 10 cent = ƒ 95,40. Hij komt derhalve voor kwijtschelding van een bedrag van ƒ 106,- - ƒ 95,40 = ƒ 10,60 in aanmerking. Ik geef U beleefd in overweging wel te willen bevorderen, dat daartoe door Burgemeester en Wethouders wordt besloten, zulks overeenkomstig het bepaalde in artikel 10 van de Verordening op de heffing van markt-, standplaats- en ventgelden.

De Directeur, Het document is een ambtelijk voorstel tot gedeeltelijke kwijtschelding van marktgeld. De kern van de zaak is als volgt:
* De verzoeker: De heer A. Mohr, wonende aan de Noorderkerkstraat 16 I te Amsterdam.
* Aanleiding: Mohr heeft zijn vaartuig (no. 1951, 106 ton), dat hij gebruikte op de brandstoffenmarkten, op 23 september 1940 verkocht.
* Financiële berekening: Hij had voor het hele jaar 1940 een bedrag van 106 gulden verschuldigd. De directeur stelt dat het 'billijk' is om hem alleen te laten betalen voor de tijd dat hij het vaartuig daadwerkelijk gebruikte. Op basis van een maandtarief (10 cent per ton per maand) over 9 maanden komt dit uit op 95,40 gulden.
* Het verzoek: Er wordt gevraagd om een besluit van Burgemeester en Wethouders (B&W) om het restantbedrag van 10,60 gulden kwijt te schelden, op basis van artikel 10 van de geldende lokale verordening. Dit document stamt uit september 1940, enkele maanden na de start van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Ondanks de bezetting bleef de civiele administratie van de stad Amsterdam grotendeels functioneren volgens de bestaande regels en verordeningen.

De "brandstoffenmarkten" waren in die tijd van groot belang voor de distributie van brandstoffen zoals turf, hout en steenkool aan de burgers. Het feit dat de brief is gericht aan de "Wethouder voor de Levensmiddelen" onderstreept dat de marktorganisatie onder de verantwoordelijkheid viel van de wethouder die ook de voedselvoorziening en andere primaire levensbehoeften beheerde. Het adres Noorderkerkstraat 16 I bevindt zich in de Amsterdamse Jordaan, wat bevestigt dat dit een lokaal Amsterdams dossier betreft. Het document illustreert de dagelijkse bureaucratische gang van zaken met betrekking tot kleinschalige economische activiteiten en legesheffing tijdens de oorlogsjaren. A. Mohr

Samenvatting

Het document is een ambtelijk voorstel tot gedeeltelijke kwijtschelding van marktgeld. De kern van de zaak is als volgt:
* De verzoeker: De heer A. Mohr, wonende aan de Noorderkerkstraat 16 I te Amsterdam.
* Aanleiding: Mohr heeft zijn vaartuig (no. 1951, 106 ton), dat hij gebruikte op de brandstoffenmarkten, op 23 september 1940 verkocht.
* Financiële berekening: Hij had voor het hele jaar 1940 een bedrag van 106 gulden verschuldigd. De directeur stelt dat het 'billijk' is om hem alleen te laten betalen voor de tijd dat hij het vaartuig daadwerkelijk gebruikte. Op basis van een maandtarief (10 cent per ton per maand) over 9 maanden komt dit uit op 95,40 gulden.
* Het verzoek: Er wordt gevraagd om een besluit van Burgemeester en Wethouders (B&W) om het restantbedrag van 10,60 gulden kwijt te schelden, op basis van artikel 10 van de geldende lokale verordening.

Historische Context

Dit document stamt uit september 1940, enkele maanden na de start van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Ondanks de bezetting bleef de civiele administratie van de stad Amsterdam grotendeels functioneren volgens de bestaande regels en verordeningen.

De "brandstoffenmarkten" waren in die tijd van groot belang voor de distributie van brandstoffen zoals turf, hout en steenkool aan de burgers. Het feit dat de brief is gericht aan de "Wethouder voor de Levensmiddelen" onderstreept dat de marktorganisatie onder de verantwoordelijkheid viel van de wethouder die ook de voedselvoorziening en andere primaire levensbehoeften beheerde. Het adres Noorderkerkstraat 16 I bevindt zich in de Amsterdamse Jordaan, wat bevestigt dat dit een lokaal Amsterdams dossier betreft. Het document illustreert de dagelijkse bureaucratische gang van zaken met betrekking tot kleinschalige economische activiteiten en legesheffing tijdens de oorlogsjaren.

Genoemde Personen 1

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Kool A.G.F. (Groenten): Sla Huishoudelijk: Brandstof Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Gerelateerde Documenten 6