Archief 745
Inventaris 745-314
Pagina 411
Dossier 23
Jaar 1940
Stadsarchief

Dienstverslag/Rapport.

16 april 1940.

Origineel

Dienstverslag/Rapport. 16 april 1940. Rapport
Standwerkers met
drukwerken.

Den Heer Inspecteur.

Onderstaande kooplieden zijn mij bekend als
standwerkers met gedrukte stukken.
E. v. Praag. Jodenbreestr 45 II Amsterdam, C.
werkt met trucjes met speelkaarten.
A. v. d. Geer. Witstraat 36. Haarlem
werkt met goochel trucjes.
J. Gobets. adres onbekend.
werkt met speelkaart trucjes.
D. Ringers P. Krugerkade 5 rood Haarlem.
werkt met radio liedjes.
Arboes - (geen Amsterdammer)
werkt met goochel trucjes.
Deze kooplieden bezoeken regelmatig dan wel zoo nu
en dan de markten Amstelveld en/of Uilenburg.

Amsterdam 16 April 1940
De Marktambtenaar
[Handtekening] Het document is een ambtelijk schrijven waarin een marktambtenaar vijf specifieke standwerkers rapporteert aan zijn inspecteur. Standwerkers waren marktkooplieden die met een zekere mate van show en 'verkooptechniek' (vaak goocheltrucs of demonstraties) hun waar aan de man brachten.

In dit geval ligt de nadruk op kooplieden die "drukwerken" (zoals tekstboekjes voor liedjes of instructies voor trucs) verkopen. De ambtenaar specificeert per persoon het woonadres en de aard van hun 'act':
* E. v. Praag en J. Gobets maken gebruik van kaarttrucs.
* A. v. d. Geer en Arboes gebruiken algemene goocheltrucs.
* D. Ringers verkoopt "radio liedjes" (waarschijnlijk liedteksten van destijds populaire radio-hits).

De genoemde locaties, het Amstelveld en de wijk Uilenburg, waren bekende plekken voor marktactiviteiten in het vooroorlogse Amsterdam. Dit rapport is gedateerd op 16 april 1940, minder dan een maand voordat de Duitse invasie van Nederland plaatsvond. De datum is historisch gezien zeer beladen.

  1. Sociaal-economisch: Standwerken was een belangrijke vorm van kleinhandel in de volksbuurten van Amsterdam. Het verkopen van drukwerken (zoals liedblaadjes) was een eeuwenoude traditie die door de komst van radio en massacultuur een nieuwe impuls kreeg.
  2. Joodse geschiedenis: Namen als "Van Praag" en "Gobets", evenals de locaties Jodenbreestraat en de Uilenburgmarkt, wijzen erop dat een deel van deze kooplieden uit de Joodse gemeenschap van Amsterdam kwam. Uilenburg was destijds het hart van de oude Joodse buurt.
  3. Controle: Het document toont de mate van administratieve controle op marktkooplieden. De overheid hield nauwgezet bij wie wat verkocht en waar men woonde. In de daaropvolgende oorlogsjaren zou deze registratiedrift van de overheid door de bezetter worden misbruikt voor de vervolging en uitsluiting van Joodse marktkooplieden.

Samenvatting

Het document is een ambtelijk schrijven waarin een marktambtenaar vijf specifieke standwerkers rapporteert aan zijn inspecteur. Standwerkers waren marktkooplieden die met een zekere mate van show en 'verkooptechniek' (vaak goocheltrucs of demonstraties) hun waar aan de man brachten.

In dit geval ligt de nadruk op kooplieden die "drukwerken" (zoals tekstboekjes voor liedjes of instructies voor trucs) verkopen. De ambtenaar specificeert per persoon het woonadres en de aard van hun 'act':
* E. v. Praag en J. Gobets maken gebruik van kaarttrucs.
* A. v. d. Geer en Arboes gebruiken algemene goocheltrucs.
* D. Ringers verkoopt "radio liedjes" (waarschijnlijk liedteksten van destijds populaire radio-hits).

De genoemde locaties, het Amstelveld en de wijk Uilenburg, waren bekende plekken voor marktactiviteiten in het vooroorlogse Amsterdam.

Historische Context

Dit rapport is gedateerd op 16 april 1940, minder dan een maand voordat de Duitse invasie van Nederland plaatsvond. De datum is historisch gezien zeer beladen.

  1. Sociaal-economisch: Standwerken was een belangrijke vorm van kleinhandel in de volksbuurten van Amsterdam. Het verkopen van drukwerken (zoals liedblaadjes) was een eeuwenoude traditie die door de komst van radio en massacultuur een nieuwe impuls kreeg.
  2. Joodse geschiedenis: Namen als "Van Praag" en "Gobets", evenals de locaties Jodenbreestraat en de Uilenburgmarkt, wijzen erop dat een deel van deze kooplieden uit de Joodse gemeenschap van Amsterdam kwam. Uilenburg was destijds het hart van de oude Joodse buurt.
  3. Controle: Het document toont de mate van administratieve controle op marktkooplieden. De overheid hield nauwgezet bij wie wat verkocht en waar men woonde. In de daaropvolgende oorlogsjaren zou deze registratiedrift van de overheid door de bezetter worden misbruikt voor de vervolging en uitsluiting van Joodse marktkooplieden.

Locaties

Amsterdam.

Gerelateerde Documenten 6