Politierapport of ambtelijke rapportage.
Origineel
Politierapport of ambtelijke rapportage. 18 november 1940 (gebeurtenis), 21 november 1940 (registratie). Rapport
betreffende parkeren
‘Oplegger’ op
Amstelveld
inschuiven
№ 24/26/M. 1940 21/11
Den Heer Inspecteur
Op Maandag 18 November 1940, werd door mij op het Amstelveld een z.g.n. ‘Oplegger’ aangetroffen van de firma Puls, Kerkstraat 307 Alhier, welke firma op niet-marktdagen haar wagens op genoemd plein parkeert.
Een persoon die verklaarde een van de bazen te zijn stond mij bij het kantoor van de firma te woord. Hij verklaarde dat al zijn tractoren bij de Duitsche weermacht in gebruik waren zodat hij niet in staat was de ‘oplegger’ te verwijderen. Ik moest daarvoor maar naar de Duitsche weermacht gaan.
Op mijn vraag of de ‘oplegger’ niet verreden kon worden antwoordde hij ontkennend. Hij dacht er niet aan de wagen weg te laten halen.. dan staat ‘die Jood’ maar niet. Hij zou wel bij de Duitsche weermacht zeggen dat ze een tractor moesten geven omdat ‘een Jood’ niet op de markt kon staan.
Ofschoon ik hem er wel opmerkzaam op maakte dat het hier geen joodsch koopman betrof, vertelde ik hem niet dat het de plaats van Pharants gold. Genoemde persoon stapte daarna op zijn fiets, nog na sputterend over zijn boodschap aan de Duitsche weermacht en die Jood.
De oplegger is door eenige marktkooplieden verreden naar een minder hinderlijke plaats. Dit document is een getuigenis van de veranderende maatschappelijke verhoudingen in Amsterdam, slechts enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting. Wat op het eerste gezicht een routineuze melding over een verkeerd geparkeerde aanhanger lijkt, onthult een grimmige onderlaag:
* Antisemitisme: De eigenaar van de firma Puls gebruikt expliciet antisemitische taal om zijn onwelwillendheid te rechtvaardigen. Hij blokkeert liever een standplaats dan mee te werken, in de veronderstelling dat hij daarmee een Joodse koopman dwarszit.
* Collaboratie-geest: De eigenaar schermt direct met zijn contacten bij de "Duitsche weermacht". Hij voelt zich gesterkt door de nieuwe machtshebbers en gebruikt dit als excuus om lokale politie-aanwijzingen te negeren.
* De Ambtenaar: De rapporteur blijft in zijn verslag zakelijk, maar merkt op dat hij de eigenaar niet corrigeert over de identiteit van de getroffen koopman (Pharants), wat duidt op een zekere voorzichtigheid of afstandelijkheid ten opzichte van de agressieve houding van Puls. De naam Puls in dit document is historisch zeer belast. Het betreft hier de verhuisfirma van Abraham Puls. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd "pulsen" een berucht werkwoord in Amsterdam; het stond voor het leeghalen (roven) van de woningen van gedeporteerde Joodse gezinnen. De firma Puls werkte nauw samen met de Hausraterfassung, de Duitse instantie die verantwoordelijk was voor de inbeslagname van Joodse inboedels.
Dit rapport van november 1940 toont aan dat de anti-Joodse mentaliteit binnen de top van dit bedrijf al heel vroeg in de bezetting manifest was, nog voordat de grootschalige deportaties en de daarmee gepaard gaande "pulsactiviteiten" op hun hoogtepunt waren. Het document illustreert hoe alledaagse conflicten over parkeerruimte werden aangegrepen om uiting te geven aan de nieuwe, door de bezetter aangemoedigde ideologie.