Officiële brief (getypt met handgeschreven annotaties).
Origineel
Officiële brief (getypt met handgeschreven annotaties). 11 maart 1940. De Directeur voor Maatschappelijken Steun (namens deze ondertekend). [Briefhoofd linksboven]
Model No. 408
GEMEENTELIJKBUREAU VOOR
MAATSCHAPPELIJKEN STEUN
H/J.
Bijlagen:
Gelieve bij beantwoording aan te halen:
Lett. I.
No. 4263
[Stempel midden-links]
Nº 25/25/3 M. 1940 [handgeschreven:] 12/3
[Rechtsboven]
AMSTERDAM, 11 Maart 1940.
Reguliersdwarsstraat 65–71
[Annotatie handgeschreven rechtsboven, schuin:]
zie Marktwezen
[Adresblok]
Aan den Heer Directeur van het
Marktwezen,
Jan van Galenstraat 14,
A M S T E R D A M W.
[Inhoud]
In antwoord op Uw brief No 25/25/2 M. van 8 Februari j.l. bericht ik U, dat L. Helsloot inwonend is bij zijn ouders A. Helsloot en echtgenoote, Govert Flinckstraat 19/I. Behalve aanvrager hebben deze nog één inwonenden zoon van 22 jaar, die bij Plieger, Keizersgracht 497, een loon van f.15.- per week verdient. Het gezinshoofd is werkman bij Heinekens Brouwerij en verdient f.32.- per week. Aan huur betaalt het gezin f.4.50 per week; de vader steunt het gezin D. Dekeling, Govert Flinckstraat 3/II, dat ondersteuning geniet van dezen Dienst, met f.2.- per week.
Aanvrager is bloemenventer van beroep. Hij heeft in de vorstperiode zijn standplaats in de Albert Cuypstraat niet kunnen innemen, was in dien tijd zonder inkomsten en ten laste van zijn ouders.
[Ondertekening]
DE DIRECTEUR VOOR MAATSCHAPPELIJKEN STEUN,
[Handtekening: Keulemans?] Deze brief is een sociaal-economisch onderzoeksverslag. De Dienst voor Maatschappelijken Steun rapporteert aan de Directeur van het Marktwezen over de aanvraag van L. Helsloot, een bloemenverkoper. De kernpunten zijn:
- Gezinssamenstelling: L. Helsloot woont bij zijn ouders in de Govert Flinckstraat. Er is nog een broer (22 jaar) die bij de firma Plieger werkt voor 15 gulden per week.
- Inkomen: De vader werkt bij de Heineken Brouwerij (toen gevestigd aan de nabijgelegen Stadhouderskade) en verdient 32 gulden per week. Dit was voor 1940 een redelijk arbeidersloon.
- Lasten: De huur bedraagt f 4,50 per week. Opmerkelijk is dat de vader f 2,- per week afstaat om een ander gezin (Dekeling) te steunen, dat blijkbaar in nog grotere nood verkeert.
- Aanleiding: De aanvrager kon door de extreme kou ("vorstperiode") zijn werk op de Albert Cuypmarkt niet uitvoeren. Hierdoor was hij tijdelijk volledig afhankelijk van zijn ouders. Het Marktwezen wilde waarschijnlijk weten of kwijtschelding van marktgeld of extra steun gerechtvaardigd was. Historische context:
Het document dateert van maart 1940, slechts twee maanden voor de Duitse inval in Nederland. De winter van 1939-1940 was een van de strengste winters van de 20e eeuw (met een Elfstedentocht op 30 januari). Voor buitenberoepen zoals marktkoplui en "bloemenventers" betekende dit een totale inkomstenstop.
Geografische context:
De locaties in de brief (Govert Flinckstraat en Albert Cuypstraat) bevinden zich in de Amsterdamse wijk "De Pijp". Dit was destijds een typische volksbuurt waar veel marktkooplieden en arbeiders van de Heineken-brouwerij woonden. Het kantoor van Maatschappelijken Steun was gevestigd aan de Reguliersdwarsstraat, terwijl het Marktwezen zetelde bij de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat.
Sociaal-economische context:
De brief toont de nauwgezetheid van de toenmalige sociale controle. Om in aanmerking te komen voor steun of regelingen, werd het volledige gezinsinkomen tot op de cent nauwkeurig in kaart gebracht. De solidariteit binnen de arbeidersklasse valt op door de vermelding dat de vader een ander behoeftig gezin ondersteunt.