Archief 745
Inventaris 745-315
Pagina 409
Dossier 11
Jaar 1940
Stadsarchief

Ambtelijk advies / Interne memo.

25 april 1940. Van: Waarschijnlijk een marktmeester of adjunct-inspecteur (ondertekening lijkt op *D.J. Meeuwesen*). Dossier: 20745/1

Origineel

Ambtelijk advies / Interne memo. 25 april 1940. Waarschijnlijk een marktmeester of adjunct-inspecteur (ondertekening lijkt op D.J. Meeuwesen). Advies op N: 20745/1 U.U. / Den Heer Inspecteur
v/h Marktwezen
Alhier.

Naar aanleiding van bijgaand verzoek van
Wagloonder, ph. v. k. 466 abd om eenige weken vrij-
stelling van plaatsbezetten, diene het volgende:
Als regel wordt door W's vrouw, bijgestaan door
zijn zoon, fruit verkocht, terwijl hijzelf hoogst
zelden van de plaats gebruik maakt.
M.i. kan zulks thans eveneens geschieden en
om een gezonde doorstrooming der sollicitanten-
lijst te bevorderen is het gewenscht, dat het
verzoek niet wordt toegedaan.
De termijn voor gevraagde vrijstelling, nl. 2 weken,
is betrekkelijk kort, zoo zulks de werkelijke bedoe-
ling is, zoo daar al of niet voldoen van het
verzoek geen invloed zal uitoefenen op het behouden
der voorkeurskaart.

Amst 25 April '40
[Handtekening] Het document is een zakelijk, ambtelijk schrijven waarin geadviseerd wordt over een verzoek tot tijdelijke vrijstelling van de 'plaatsbezettingsplicht' op een Amsterdamse markt. De kern van het advies is negatief: de adviseur ziet geen reden om de heer Wagloonder (houder van standplaats 466) vrijstelling te verlenen voor een periode van twee weken.

De argumentatie is tweeledig:
1. Operationeel: De handel (fruitverkoop) wordt in de praktijk toch al door de vrouw en zoon van de vergunninghouder gedreven; zijn persoonlijke aanwezigheid is niet noodzakelijk voor de continuïteit.
2. Beleidsmatig: Er wordt verwezen naar de 'sollicitantenlijst'. Door strikt vast te houden aan de regels voor bezetting, probeert men de doorstroming op de wachtlijst voor schaarse marktplaatsen te bevorderen.

Interessant is de opmerking over de 'voorkeurskaart'. Dit suggereert dat vergunninghouders bepaalde rechten opbouwden, en de adviseur stelt de inspecteur gerust dat het afwijzen van dit specifieke verzoek deze rechten niet in gevaar brengt, mits de kraam gewoon bezet blijft door de familie. Dit document stamt uit april 1940, slechts enkele weken voor de Duitse inval in Nederland. In die tijd was het marktwezen in Amsterdam strak gereguleerd. Er gold een persoonlijke bezettingsplicht om te voorkomen dat standplaatsen onbenut bleven of illegaal werden onderverhuurd terwijl er lange wachtlijsten van gegadigden ('sollicitanten') bestonden.

De 'voorkeurskaart' was een essentieel instrument in het beheer van de marktplaatsen; het gaf de houder een geprivilegieerde positie bij het toewijzen van plaatsen of het behouden van een vaste stek. De bureaucratische taal ("diene het volgende", "m.i.", "het verzoek niet wordt toegedaan") is kenmerkend voor de Nederlandse ambtenarij uit de eerste helft van de 20e eeuw. D.J. Meeuwesen Marktwezen

Samenvatting

Het document is een zakelijk, ambtelijk schrijven waarin geadviseerd wordt over een verzoek tot tijdelijke vrijstelling van de 'plaatsbezettingsplicht' op een Amsterdamse markt. De kern van het advies is negatief: de adviseur ziet geen reden om de heer Wagloonder (houder van standplaats 466) vrijstelling te verlenen voor een periode van twee weken.

De argumentatie is tweeledig:
1. Operationeel: De handel (fruitverkoop) wordt in de praktijk toch al door de vrouw en zoon van de vergunninghouder gedreven; zijn persoonlijke aanwezigheid is niet noodzakelijk voor de continuïteit.
2. Beleidsmatig: Er wordt verwezen naar de 'sollicitantenlijst'. Door strikt vast te houden aan de regels voor bezetting, probeert men de doorstroming op de wachtlijst voor schaarse marktplaatsen te bevorderen.

Interessant is de opmerking over de 'voorkeurskaart'. Dit suggereert dat vergunninghouders bepaalde rechten opbouwden, en de adviseur stelt de inspecteur gerust dat het afwijzen van dit specifieke verzoek deze rechten niet in gevaar brengt, mits de kraam gewoon bezet blijft door de familie.

Historische Context

Dit document stamt uit april 1940, slechts enkele weken voor de Duitse inval in Nederland. In die tijd was het marktwezen in Amsterdam strak gereguleerd. Er gold een persoonlijke bezettingsplicht om te voorkomen dat standplaatsen onbenut bleven of illegaal werden onderverhuurd terwijl er lange wachtlijsten van gegadigden ('sollicitanten') bestonden.

De 'voorkeurskaart' was een essentieel instrument in het beheer van de marktplaatsen; het gaf de houder een geprivilegieerde positie bij het toewijzen van plaatsen of het behouden van een vaste stek. De bureaucratische taal ("diene het volgende", "m.i.", "het verzoek niet wordt toegedaan") is kenmerkend voor de Nederlandse ambtenarij uit de eerste helft van de 20e eeuw.

Genoemde Personen 1

Locaties

Amsterdam (afgekort als 'Amst').

Producten

A.G.F. (Fruit): Fruit Kruidenier (Droog): Rijst Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Zuivel & Eieren: Eieren Zuivel & Eieren: Room Zuivel & Eieren: Zuivel

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Gerelateerde Documenten 4