Verzoekschrift / Formele brief.
Origineel
Verzoekschrift / Formele brief. 18 mei 1940. L. Caransa, handelaar in scheer- en toiletartikelen. De Weledelgeboren Heer V.D. Laan, Directeur van het Marktwezen te Amsterdam. L. CARANSA
Scheer- en Toilletartikelen
Nw. Kerkstraat 129³
AMSTERDAM C.
№ 25/90/1 M. 1940 20/5
Amsterdam 18-5 '40
Aan den Wel Ed: Heer V.D. Laan. Directeur van
het Marktwezen te Amsterdam.
Wel Ed: Heer
Onderget. is zoo vrij zich met het volgende
verzoek tot U te wenden.
Aangezien ik in begin Januari 1940 in betrekking
ben gekomen in het Militaire kleding bedrijf was ik
genoodzaakt, om na verloop van enige tijd, mijn
vaste plaats, Nº 278, op de markt Alb. Cuypstr. op te
zeggen. Nu deed zich een dezer dagen het feit
voor, dat ik uit mijn betrekking ontslagen werd,
wegens opheffing van dat bedrijf. Nu verzoek
ik U beleefd, indien mogelijk, mij wederom
de door mij ± 3 maanden doorbetaalde, en zelf
opgegeven plaats wederom te willen toewijzen.
Ik kom met het bovenstaande verzoek omdat
ik op de markt Alb. Cuyp reeds enige jaren een
plaats bezette, en indien ik thans opnieuw
zou moeten beginnen een plaats aan te vragen
dat voor mijn gezin een zeer zware handicap zou
zijn. Ten eerste dat ik dan geheel achteraan zou
komen te staan, tevens in concurrentie van mijn
colega hierin, ten tweede dat ik dan fl 2,50 marktgeld
in plaats van fl 1,35 per week zou moeten betalen.
Ook ben ik natuurlijk gaarne bereid, indien Gij
zulks wenst de door mij niet betaalde weken,
dat zijn er ongeveer 7 à 8 in te halen.
z.o.z. 25 In deze brief verzoekt L. Caransa om teruggave van zijn vaste staanplaats (nummer 278) op de Albert Cuypmarkt.
De kernpunten zijn:
1. Aanleiding: De schrijver had begin 1940 zijn marktplaats opgezegd voor een baan in een militair kledingbedrijf. Door de opheffing van dit bedrijf is hij echter plotseling werkloos geworden.
2. Argumentatie:
* Anciënniteit: Hij heeft de plek reeds jarenlang bezet.
* Sociaal-economisch: Een nieuwe aanvraag zou betekenen dat hij onderaan de lijst komt (slechte plek) en een aanzienlijk hoger weektarief moet betalen (fl 2,50 in plaats van fl 1,35), wat zijn gezin zwaar zou treffen.
3. Compromis: Hij biedt aan om het misgelopen marktgeld van de afgelopen 7 à 8 weken alsnog te betalen om zijn oude rechten te herstellen.
De brief is geschreven in een zeer beleefde, nederige stijl die kenmerkend was voor de omgang met autoriteiten in die periode. De datum van de brief, 18 mei 1940, is historisch zeer relevant. Het is slechts vier dagen na de Nederlandse capitulatie (14 mei 1940) aan het begin van de Tweede Wereldoorlog.
- Opheffing bedrijf: De reden dat het "Militaire kleding bedrijf" werd opgeheven, is direct te herleiden naar de overgave van het Nederlandse leger; de productie voor de defensie was immers per direct overbodig geworden.
- Persoon: De naam "L. Caransa" en het adres in de Nieuwe Kerkstraat (in de Joodse buurt van Amsterdam) wijzen zeer waarschijnlijk op een familielid van of de jonge Maup Caransa zelf, die later een bekende Amsterdamse vastgoedondernemer zou worden. Voor de oorlog was hij inderdaad actief in de markthandel.
- Tijdsbeeld: Het document toont de onmiddellijke economische chaos en de pogingen van burgers om hun 'normale' leven en inkomstenbronnen veilig te stellen in de eerste week van de bezetting. De Amsterdamse bureaucratie (het Marktwezen) bleef ondanks de inval functioneren. L. Caransa V.D. Laan Marktwezen