Archief 745
Inventaris 745-316
Pagina 54
Dossier 11
Jaar 1940
Stadsarchief

Ambtelijk advies / interne memo.

4 juni 1940. Van: Onleesbare handtekening (mogelijk J. Meenhuis), functionaris bij het Marktwezen.

Origineel

Ambtelijk advies / interne memo. 4 juni 1940. Onleesbare handtekening (mogelijk J. Meenhuis), functionaris bij het Marktwezen. Advies op No. 25/96/1 M.v.O.

Den Heer Inspecteur
v/h Marktwezen
Alhier.

Naar aanleiding van bijgaand verzoek van
D.G. Terpstra, ingeschreven onder No. 54 van de
sollicitantenlijst AC, betreffende assistentie
door J.H. Zandvoort, geboren 22 Jan '05, diene
het volgende:
Terpstra is een standwerker, die voor den
heer Zandvoort, koopman in vleeschwaren, werkt.
Het kan niet in het belang van een eer=
lijke plaatsregeling zijn, dat een plaatshouder
zijn plaats misbruikt om als plaats voor zijn
patroon te dienen.
M.i. dient het verzoek te worden afgewezen.

Amsterdam, 4 Juni '40.

[Handtekening: J. Meenhuis(?)] Dit document betreft een negatief ambtelijk advies over een vergunningskwestie op de Amsterdamse markt. De kern van de zaak is een verzoek van D.G. Terpstra om zich te laten assisteren door J.H. Zandvoort. De adviserend ambtenaar merkt echter op dat de rollen in de praktijk omgedraaid zijn: Terpstra is in feite een werknemer (standwerker) van Zandvoort (een koopman in vleeswaren).

De ambtenaar vreest voor oneigenlijk gebruik van marktplaatsen. Als het verzoek zou worden ingewilligd, zou Zandvoort (de "patroon") via zijn werknemer effectief controle krijgen over een extra marktplaats die aan de werknemer is toegewezen. Dit wordt gezien als een vorm van misbruik die de "eerlijke plaatsregeling" (de eerlijke verdeling van schaarse marktplekken) in gevaar brengt. Het advies is dan ook resoluut: het verzoek moet worden afgewezen. Het document dateert van 4 juni 1940, minder dan een maand na de Nederlandse capitulatie en het begin van de Duitse bezetting. Ondanks de politieke omwenteling bleef het dagelijks gemeentelijk bestuur en de bureaucratie, zoals die van het Marktwezen in Amsterdam, aanvankelijk grotendeels op de oude voet doorfunctioneren.

In deze periode waren marktplaatsen strikt gereguleerd door de gemeente Amsterdam. Er bestonden wachtlijsten ("sollicitantenlijsten") voor handelaren. Het beroep van 'standwerker' (iemand die met een praatje goederen aanprijst) was een specifieke categorie binnen de markthandel. De angst voor 'stromannen' of handelaren die via personeel meerdere plekken bezetten was groot, omdat dit de kansen voor kleine, zelfstandige kooplieden verkleinde. Dit document is een typisch voorbeeld van de strikte handhaving van marktreglementen om monopolievorming of misbruik van standplaatsvergunningen tegen te gaan.

Samenvatting

Dit document betreft een negatief ambtelijk advies over een vergunningskwestie op de Amsterdamse markt. De kern van de zaak is een verzoek van D.G. Terpstra om zich te laten assisteren door J.H. Zandvoort. De adviserend ambtenaar merkt echter op dat de rollen in de praktijk omgedraaid zijn: Terpstra is in feite een werknemer (standwerker) van Zandvoort (een koopman in vleeswaren).

De ambtenaar vreest voor oneigenlijk gebruik van marktplaatsen. Als het verzoek zou worden ingewilligd, zou Zandvoort (de "patroon") via zijn werknemer effectief controle krijgen over een extra marktplaats die aan de werknemer is toegewezen. Dit wordt gezien als een vorm van misbruik die de "eerlijke plaatsregeling" (de eerlijke verdeling van schaarse marktplekken) in gevaar brengt. Het advies is dan ook resoluut: het verzoek moet worden afgewezen.

Historische Context

Het document dateert van 4 juni 1940, minder dan een maand na de Nederlandse capitulatie en het begin van de Duitse bezetting. Ondanks de politieke omwenteling bleef het dagelijks gemeentelijk bestuur en de bureaucratie, zoals die van het Marktwezen in Amsterdam, aanvankelijk grotendeels op de oude voet doorfunctioneren.

In deze periode waren marktplaatsen strikt gereguleerd door de gemeente Amsterdam. Er bestonden wachtlijsten ("sollicitantenlijsten") voor handelaren. Het beroep van 'standwerker' (iemand die met een praatje goederen aanprijst) was een specifieke categorie binnen de markthandel. De angst voor 'stromannen' of handelaren die via personeel meerdere plekken bezetten was groot, omdat dit de kansen voor kleine, zelfstandige kooplieden verkleinde. Dit document is een typisch voorbeeld van de strikte handhaving van marktreglementen om monopolievorming of misbruik van standplaatsvergunningen tegen te gaan.

Locaties

Amsterdam.

Gerelateerde Documenten 6