Ambtelijke brief/memorandum.
Origineel
Ambtelijke brief/memorandum. 26 oktober 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen of een aanverwante gemeentelijke dienst). In de transcriptie is de toenmalige spelling en het gebruik van de 'y' in plaats van de 'ij' (zoals getypt) aangehouden.
[Handgeschreven, schuin:] Extra
VP/G.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
25/104/2 M
26 October 1940.
Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat het rywiel-verkeer over de markt Albert Cuypstraat den laatsten tyd belangryk is toegenomen, hetgeen veel hinder veroorzaakt voor het marktpubliek. Tijdens de markturen bestaat in de voornoemde straat tusschen Ferdinand Bolstraat en 1e Sweelinckstraat bereids een inryverbod voor voertuigen, komende uit de richting Ferdinand Bolstraat. Ik zal het op prys stellen, indien thans ook een inryverbod gevestigd wordt, uitsluitend voor rywielen, welke in omgekeerde richting ryden. De tyden waarop het verbod zou moeten gelden zyn: Van Maandag tot en met Vrydag van 10.30 tot 18 uur en op Zaterdag van 10.30 tot 23 uur.
Ik moge U beleefd verzoeken terzake het advies te vragen van den Hoofdcommissaris van Politie.
De Directeur, Deze brief betreft een verzoek tot het uitbreiden van verkeersbeperkingen op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam. De kernpunten zijn:
- Probleemstelling: Er is een significante toename van fietsverkeer op de markt, wat zorgt voor overlast en gevaar voor het winkelende publiek.
- Bestaande situatie: Er geldt al een inrijverbod voor gemotoriseerde voertuigen of karren vanaf de Ferdinand Bolstraat richting de 1e Sweelinckstraat tijdens markturen.
- Voorgestelde maatregel: De directeur stelt voor om nu ook een inrijverbod voor fietsers in te stellen, specifiek voor de tegengestelde richting (dus komende vanaf de 1e Sweelinckstraat).
- Tijden: De voorgestelde tijden sluiten aan bij de markttijden van die periode, waarbij de zaterdagmarkt opvallend lang doorliep (tot 23:00 uur).
-
Procedure: Er wordt geadviseerd om de Hoofdcommissaris van Politie om advies te vragen alvorens dit verbod in te voeren. De datum van de brief, 26 oktober 1940, plaatst dit document in de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
-
Vervoer: In deze periode nam het gebruik van de fiets sterk toe omdat brandstof voor auto's schaars werd en gevorderd werd door de bezetter. Dit verklaart de in de brief genoemde "belangryke toename" van het rijwielverkeer.
- Albert Cuypmarkt: De markt was (en is) een vitaal onderdeel van de voedselvoorziening in Amsterdam. De brief is gericht aan de "Wethouder voor de Levensmiddelen", een post die tijdens de oorlog cruciaal was vanwege de distributie en schaarste van goederen.
- Bestuur: Hoewel Nederland bezet was, bleven veel gemeentelijke diensten en procedures in 1940 aanvankelijk nog op de oude voet functioneren, wat blijkt uit de formele, beleefde toon van de correspondentie ("heb ik de eer U te berichten", "beleefd verzoeken").