Brief op officieel briefpapier.
Origineel
Brief op officieel briefpapier. 13 juni 1940. Kamer van Koophandel en Fabrieken voor Amsterdam (gevestigd in het Beursgebouw aan het Damrak). De Directeur van het Marktwezen, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam-W. Nº 20/100/1 M. 1940 ^14/6
[Logo: KAMER-VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN AMSTERDAM]
KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN VOOR AMSTERDAM
UW SCHRIJVEN: van 4 Juni 1940
BIJ ANTWOORD VERMELDEN: V. 2971
ONDERWERP: Markthandel
AMSTERDAM (C), 13 Juni 1940
BEURSGEBOUW, DAMRAK
TEL. LOCAAL: 46191 (5 LIJNEN)
INTERLOCAAL: 49396, 46456, 46220, 45628
[Handgeschreven aantekening:] vidi No / Insp
De plaatselijke Feldkommandantur 608, Gruppe Verwaltung, zond ons een klacht van "een groep van belanghebbenden", betreffende de verdeeling van standplaatsen op de dagmarkten, ter afdoening.
Wij meenen hieraan het beste gevolg te kunnen geven door den bewusten brief hierbij in Uw handen te stellen.
De Kamer van Koophandel en
Fabrieken voor Amsterdam
Voor de Kamer:
[Handtekening: A. Forkink]
Adj. Secretaris
Aan den heer Directeur van het Marktwezen
Jan van Galenstraat 14,
AMSTERDAM-W.
[Linksonder:] 55. A. 17-2-33. 2000
[Rechtsonder handgeschreven:] 25
--- * Administratieve route: Een klacht van een "groep belanghebbenden" is blijkbaar direct bij de Duitse bezetter (de Feldkommandantur) ingediend. De Duitsers hebben deze klacht doorgestuurd naar de Kamer van Koophandel (KvK), die het op hun beurt weer doorsturen naar de gemeentelijke dienst (Directeur van het Marktwezen) die daadwerkelijk over de marktplaatsen gaat.
* Taalgebruik: De brief hanteert de destijds gebruikelijke formele spelling (zoals "verdeeling", "meenen", "den bewusten"). De toon is zakelijk en ambtelijk.
* Ondertekening: De brief is ondertekend door de Adjunct-Secretaris van de Kamer van Koophandel, de heer A. Forkink.
* Referenties: De brief bevat een referentie naar een schrijven van 4 juni 1940, wat aangeeft dat de communicatie over deze kwestie al kort na de Nederlandse capitulatie (15 mei 1940) op gang kwam.
--- Deze brief dateert van precies een maand na de inval van de Duitsers in Nederland. Het biedt een interessant inkijkje in de vroege fase van de Duitse bezetting van Amsterdam:
- Feldkommandantur 608: Dit was het hoofdkwartier van de Duitse militaire bezettingsmacht in Amsterdam. De 'Gruppe Verwaltung' hield zich bezig met civiele en economische zaken.
- Inmenging van de bezetter: Het feit dat burgers of handelaren zich met klachten over de verdeling van marktplaatsen direct tot de Duitse bezetter wendden, wijst erop dat men de nieuwe machthebbers direct probeerde te gebruiken om lokale belangen te beïnvloeden, of dat de bezetter direct invloed wilde uitoefenen op het economische leven.
- Continuïteit van bestuur: Ondanks de bezetting bleven de bestaande Nederlandse instanties, zoals de Kamer van Koophandel en de Gemeente Amsterdam (Marktwezen), in eerste instantie gewoon functioneren en met elkaar corresponderen over dagelijkse aangelegenheden, zij het nu onder toezicht van de Duitsers.
- Marktwezen: De Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat waren het centrum van de Amsterdamse voedselvoorziening. De verdeling van standplaatsen op de markten was (en is) een gevoelig economisch punt, zeker in tijden van beginnende schaarste.