Officieel ambtelijk memorandum/bijblad (voorgedrukt formulier "Alg. Zaken Model No. 14").
Origineel
Officieel ambtelijk memorandum/bijblad (voorgedrukt formulier "Alg. Zaken Model No. 14"). Juni 1940 (diverse data: 17/6, 20-6, 25/6, 26/6). [Stempel linksboven:]
BIJBLAD VAN:
M. No. 25/108/1 1940
DOORGEZONDEN: 17/6
[Handgeschreven tekst:]
Op de markt Alb. Cuijpstraat geschiedt
de uitgifte der plaatsen op juiste wijze.
20-6-’40
deHaan
v.g.b. [voor goed bevonden]
[Paraaf] 25/6 ’40
26/6 ’40 . Whao [of Whar] Dit document is een korte ambtelijke verklaring betreffende de ordentelijke gang van zaken op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam. De kernboodschap is dat de toewijzing van de marktplaatsen ("uitgifte der plaatsen") op een correcte manier verloopt.
Het document vertoont een duidelijke administratieve hiërarchie:
1. Rapportage: Opgesteld door 'deHaan' op 20 juni 1940.
2. Verificatie: Geaccordeerd door een onbekende functionaris met de aantekening "v.g.b." (voor goed bevonden) op 25 juni.
3. Afhandeling: Een laatste paraaf of handtekening (mogelijk van een afdelingshoofd) op 26 juni.
De vermelding "Doorgezonden: 17/6" in het stempel wijst erop dat de zaak al een paar dagen eerder in behandeling was genomen voordat de feitelijke bevestiging werd genoteerd. De datum van het document, juni 1940, is historisch zeer relevant. Het is slechts een maand na de capitulatie van Nederland aan nazi-Duitsland. In deze beginperiode van de bezetting bleef het Nederlandse overheidsapparaat grotendeels functioneren onder toezicht van de bezetter.
Het is opvallend dat de administratie van de Albert Cuypmarkt – de beroemdste markt van Amsterdam – nauwlettend werd gecontroleerd. De bevestiging dat alles "op juiste wijze" geschiedde, kan duiden op een routinecontrole, maar het kan ook een antwoord zijn op vragen over de naleving van (nieuwe) regelgeving. In de maanden die volgden op deze nota zouden de maatregelen tegen Joodse marktkooplieden steeds strenger worden, wat de organisatie van de markt drastisch zou veranderen. Dit document legt een moment vast waarop de administratie nog rapporteert dat de procedures volgens de geldende normen verlopen. M. No