Archief 745
Inventaris 745-316
Pagina 112
Dossier 109
Jaar 1940
Stadsarchief

Brief (handgeschreven) met ambtelijke stempels en Duitse aantekeningen.

Van: "Een groep belanghebbende".

Origineel

Brief (handgeschreven) met ambtelijke stempels en Duitse aantekeningen. "Een groep belanghebbende". (De transcriptie volgt de hoofdtekst in het Nederlands. De Duitse interlineaire aantekeningen zijn hier weggelaten voor de leesbaarheid van de kerntekst.)

Amsterdam 4 Juni 1940

Wel edele Heer Upper Commandant

Langs deze weg ben ik zoo vrij om u de deel van eenige onbillijkheden welke dagelijks op de dagmarkten plaats vinden op de onder u aandacht te brengen.
De thans heerschende methodes welke daargelaten zijn voor de levensmiddelen kooplieden van dier aard dat zij op eenige manier niet in staat zijn om behoorlijk hun handel aan het publiek te presenteeren: doordat de toeloop van de Isralieten daar de boventoon viert en dat zij met de mooiste en beste plaatsen bekleed zijn.
Zaterdags j.l. kreeg een koopman in groenten des morgens om 11.30 een plaats in de Albert Cuijpstraat dicht bij de van Wou, dit is het slechtste gedeelte van de markt al de andere plaatsen waren reeds bezet doch niet alle met levensmiddelen wel manufacturen en stoffen enz.
Daar thans de gehele levensmiddelen voorziening bevoorrecht wordt, viel het mij op dat dit op de markten niet plaats vindt.
Zou u de welwillende medewerking daaraan niet kunnen verleenen dat aan deze toestanden een einde komt.
In afwachting beleefd dankend voor u zeer gewaardeerde aandacht.

Een groep belanghebbende. Inhoud:
De brief is een klacht van een anonieme groep ("belanghebbenden") gericht aan de Duitse autoriteiten kort na de bezetting. De schrijvers beklagen zich over de gang van zaken op de Amsterdamse dagmarkten (met name de Albert Cuypmarkt). De kern van de klacht is tweeledig:
1. Antisemitisme: Er wordt beweerd dat "Isralieten" (Joden) de beste plekken op de markt bezetten en de overhand hebben.
2. Logistiek/Economisch: Men vindt dat verkopers van levensmiddelen (zoals groenten) voorrang moeten krijgen op verkopers van textiel ("manufacturen"), zeker gezien de oorlogssituatie en voedselvoorziening.

Taal en toon:
De toon is uiterst onderdanig en formeel ("Wel edele Heer", "zoo vrij om u"), wat typerend is voor verzoekschriften uit die tijd. Tegelijkertijd is de tekst een vroeg voorbeeld van collaboratie door middel van verklikking of het vragen om gunsten aan de bezetter ten koste van de Joodse medeburgers.

Duitse annotaties:
Tussen de regels door is met een ander handschrift een Duitse vertaling geschreven. Dit wijst erop dat de brief serieus is genomen en intern is verwerkt door de Gruppe Verwaltung. Er staan samenvattingen zoals: "die Juden welche täglich auf den Märkten vorkommen" en "Möchten Sie doch bitte diesen Zuständen ein Ende bereiten". Dit document is historisch zeer significant omdat het gedateerd is op 4 juni 1940, minder dan een maand na de Nederlandse capitulatie. Het illustreert hoe sommige Nederlanders de nieuwe machtsverhoudingen direct probeerden aan te grijpen om economische concurrenten (in dit geval Joodse marktkooplieden) te laten verwijderen of te benadelen.

De Albert Cuypmarkt was destijds een plek waar veel Joodse ondernemers uit de omliggende buurt (De Pijp) werkzaam waren. De brief anticipeert op de latere anti-Joodse maatregelen van de bezetter, die uiteindelijk zouden leiden tot de volledige uitsluiting van Joden van de openbare markten en hun deportatie. Het document toont aan dat antisemitisme en opportunisme al in de eerste weken van de bezetting actief werden geuit bij de Duitse instanties.

Samenvatting

Inhoud:
De brief is een klacht van een anonieme groep ("belanghebbenden") gericht aan de Duitse autoriteiten kort na de bezetting. De schrijvers beklagen zich over de gang van zaken op de Amsterdamse dagmarkten (met name de Albert Cuypmarkt). De kern van de klacht is tweeledig:
1. Antisemitisme: Er wordt beweerd dat "Isralieten" (Joden) de beste plekken op de markt bezetten en de overhand hebben.
2. Logistiek/Economisch: Men vindt dat verkopers van levensmiddelen (zoals groenten) voorrang moeten krijgen op verkopers van textiel ("manufacturen"), zeker gezien de oorlogssituatie en voedselvoorziening.

Taal en toon:
De toon is uiterst onderdanig en formeel ("Wel edele Heer", "zoo vrij om u"), wat typerend is voor verzoekschriften uit die tijd. Tegelijkertijd is de tekst een vroeg voorbeeld van collaboratie door middel van verklikking of het vragen om gunsten aan de bezetter ten koste van de Joodse medeburgers.

Duitse annotaties:
Tussen de regels door is met een ander handschrift een Duitse vertaling geschreven. Dit wijst erop dat de brief serieus is genomen en intern is verwerkt door de Gruppe Verwaltung. Er staan samenvattingen zoals: "die Juden welche täglich auf den Märkten vorkommen" en "Möchten Sie doch bitte diesen Zuständen ein Ende bereiten".

Historische Context

Dit document is historisch zeer significant omdat het gedateerd is op 4 juni 1940, minder dan een maand na de Nederlandse capitulatie. Het illustreert hoe sommige Nederlanders de nieuwe machtsverhoudingen direct probeerden aan te grijpen om economische concurrenten (in dit geval Joodse marktkooplieden) te laten verwijderen of te benadelen.

De Albert Cuypmarkt was destijds een plek waar veel Joodse ondernemers uit de omliggende buurt (De Pijp) werkzaam waren. De brief anticipeert op de latere anti-Joodse maatregelen van de bezetter, die uiteindelijk zouden leiden tot de volledige uitsluiting van Joden van de openbare markten en hun deportatie. Het document toont aan dat antisemitisme en opportunisme al in de eerste weken van de bezetting actief werden geuit bij de Duitse instanties.

Locaties

Albert Cuypmarkt

Producten

A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Fruit): Peer A.G.F. (Fruit): Peren A.G.F. (Groenten): Groente Kruidenier (Droog): Meel Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Manufacturen Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Gerelateerde Documenten 6