Archief 745
Inventaris 745-316
Pagina 219
Dossier 24
Jaar 1940
Stadsarchief

Officiële kennisgeving/beschikking (doorslag van een brief).

8 juli 1940. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen in Amsterdam).

Origineel

Officiële kennisgeving/beschikking (doorslag van een brief). 8 juli 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen in Amsterdam). [Linksboven, getypt:]
25/185/2 M

[Rechtsboven, handgeschreven:]
20 en in de lias [?]
G.

[Midden boven, diagonaal handgeschreven:]
verzonden 9/7

[Rechts, getypt:]
8 Juli 1940.

[Adres, getypt:]
den Heer S. Pinto Sr.,
Govert Flinckstraat 361 I,
Amsterdam-Zuid.
Wyk 17.

[Inhoud, getypt:]
My is gerapporteerd, dat U zich op Dinsdag 2 Juli
jl. op de markt aan de Albert Cuypstraat wanordelyk heeft
gedragen, waardoor de orde op de markt werd verstoord.

In verband met dit feit bericht ik U, dat ik U,
overeenkomstig het bepaalde in artikel 39 lid 1 van het Regle-
ment op de Markten, het recht heb ontnomen om op een der
markten hier ter stede een plaats te bezetten voor den tyd
van 14 dagen, namelyk vanaf Donderdag 11 tot en met Woensdag
24 Juli 1940.

[Onderaan, getypt:]
De Directeur,


Noot bij transcriptie: In de tekst wordt consequent de 'y' gebruikt waar men tegenwoordig 'ij' zou schrijven (My, wanordelyk, tyd, namelyk). Dit was gebruikelijk op veel schrijfmachines uit die tijd of een bewuste spellingskeuze. Dit document is een formele strafmaatregel opgelegd door de Amsterdamsche marktautoriteiten aan een marktkoopman. De heer S. Pinto Sr. wordt voor een periode van 14 dagen uitgesloten van alle markten in de stad Amsterdam (ter stede).

De aanleiding is een incident op de Albert Cuypmarkt op dinsdag 2 juli 1940, waarbij hij zich "wanordelijk" zou hebben gedragen. De directeur baseert zijn besluit op artikel 39, lid 1 van het Marktreglement. Het feit dat het een doorslag betreft met de aantekening "verzonden 9/7" duidt op een administratief archiefstuk. Het adres (Govert Flinckstraat 361) lag direct om de hoek van de Albert Cuypmarkt, wat suggereert dat de geadresseerde een buurtbewoner en lokale ondernemer was. Het document dateert van juli 1940, slechts twee maanden na de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de brief een puur administratieve en disciplinaire toon heeft, is de historische context van groot belang.

  1. Joodse geschiedenis: De achternaam Pinto is een bekende Sefardisch-Joodse naam in Amsterdam. Veel Joodse handelaren waren werkzaam op de Albert Cuypmarkt.
  2. Begin van de bezetting: In de zomer van 1940 begonnen de eerste spanningen op de markten voelbaar te worden door de aanwezigheid van de bezetter en de Nederlandse NSB. Hoewel de systematische uitsluiting van Joden van markten pas later in de oorlog (eind 1940/begin 1941) officieel werd doorgevoerd, werden individuele incidenten en strengere handhaving door de autoriteiten vaak al eerder zichtbaar.
  3. Wijk 17 / De Pijp: De Govert Flinckstraat en de Albert Cuypstraat vormden het hart van de levendige marktcultuur in de Pijp, een wijk die in 1940 een aanzienlijke Joodse populatie kende. Dit type documenten geeft inzicht in het dagelijkse toezicht en de handhaving in een stad onder bezetting, waarbij zelfs kleine verstoringen direct tot officiële sancties leidden.

Samenvatting

Dit document is een formele strafmaatregel opgelegd door de Amsterdamsche marktautoriteiten aan een marktkoopman. De heer S. Pinto Sr. wordt voor een periode van 14 dagen uitgesloten van alle markten in de stad Amsterdam (ter stede).

De aanleiding is een incident op de Albert Cuypmarkt op dinsdag 2 juli 1940, waarbij hij zich "wanordelijk" zou hebben gedragen. De directeur baseert zijn besluit op artikel 39, lid 1 van het Marktreglement. Het feit dat het een doorslag betreft met de aantekening "verzonden 9/7" duidt op een administratief archiefstuk. Het adres (Govert Flinckstraat 361) lag direct om de hoek van de Albert Cuypmarkt, wat suggereert dat de geadresseerde een buurtbewoner en lokale ondernemer was.

Historische Context

Het document dateert van juli 1940, slechts twee maanden na de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de brief een puur administratieve en disciplinaire toon heeft, is de historische context van groot belang.

  1. Joodse geschiedenis: De achternaam Pinto is een bekende Sefardisch-Joodse naam in Amsterdam. Veel Joodse handelaren waren werkzaam op de Albert Cuypmarkt.
  2. Begin van de bezetting: In de zomer van 1940 begonnen de eerste spanningen op de markten voelbaar te worden door de aanwezigheid van de bezetter en de Nederlandse NSB. Hoewel de systematische uitsluiting van Joden van markten pas later in de oorlog (eind 1940/begin 1941) officieel werd doorgevoerd, werden individuele incidenten en strengere handhaving door de autoriteiten vaak al eerder zichtbaar.
  3. Wijk 17 / De Pijp: De Govert Flinckstraat en de Albert Cuypstraat vormden het hart van de levendige marktcultuur in de Pijp, een wijk die in 1940 een aanzienlijke Joodse populatie kende. Dit type documenten geeft inzicht in het dagelijkse toezicht en de handhaving in een stad onder bezetting, waarbij zelfs kleine verstoringen direct tot officiële sancties leidden.

Gerelateerde Documenten 6