Ambtelijke notitie / intern memo.
Origineel
Ambtelijke notitie / intern memo. 3
26/4/217
Insp
Hoe is 't met
markt Alb. Cuypstr?
Wat zegt U van opmerking
dat dit een "gelegenheids-
koopvrouw" is? (vide
rapport Rens).
Ter oordeelen 2-2-'40
[paraaf, mogelijk WE]
advies 5-2-'40
[handtekening, mogelijk deMaas]
Zie rapport chef
Marktinsp 7-2-'40
[handtekening, mogelijk deMaas] Dit document is een voorbeeld van interne communicatie binnen een gemeentelijke instantie, zeer waarschijnlijk de Marktinspectie van Amsterdam. De tekst is een verzoek om informatie of een oordeel over een specifieke casus op de Albert Cuypmarkt.
De term "gelegenheidskoopvrouw" is hier cruciaal; dit duidde in die tijd op iemand die niet als beroepshandelaar geregistreerd stond, maar incidenteel goederen verkocht, vaak zonder de benodigde vaste vergunningen. Het document toont een ambtelijk proces:
1. Vraagstelling: Een inspecteur vraagt om een reactie op een eerdere observatie of rapport van "Rens".
2. Evaluatie: Op 2 februari wordt het document ter beoordeling voorgelegd.
3. Advisering: Op 5 februari volgt een advies.
4. Afhandeling: Op 7 februari wordt verwezen naar een uitgebreider rapport van de chef van de Marktinspectie. De Albert Cuypmarkt was in 1940 al de belangrijkste dagmarkt van Amsterdam. De markt werd streng gereguleerd door de Marktinspectie om "oneerlijke concurrentie" en ongeoorloofde straathandel tegen te gaan.
De datum, februari 1940, is historisch saillant. Het is slechts drie maanden voor de Duitse inval. In deze periode nam de administratieve druk op markthandelaren toe. Hoewel deze specifieke notitie over een "gelegenheidskoopvrouw" gaat, past het in een breder kader van verscherpt toezicht op vergunningen in Amsterdam. Vaak werden dergelijke onderzoeken in die jaren gebruikt om de achtergrond van handelaren (waaronder veel Joodse Amsterdammers) minutieus in kaart te brengen, wat later door de bezetter gebruikt zou worden voor uitsluiting en vervolging.