Briefkaart (voorzijde).
Origineel
Briefkaart (voorzijde). 22 januari 1940 (volgens poststempel). M. Krabbes, Vrolikstraat 317, Amsterdam. Directeur van het Marktwezen, Centrale Markthallen, Amsterdam. Linksboven (paarse stempel):
№ 26 / 8 / 1 M. 1940
Rechtsboven (handgeschreven):
23 / 1
Gedrukte tekst midden boven:
BRIEFKAART
[Logo VNF] Dit contrôlemerk waarborgt Nederlandsch Fabrikaat
Postzegel en stempel:
NEDERLAND
3 CENT
[Poststempel:] AMSTERDAM / 22 I 13 / 1940
Adreszijde (rechts):
Aan Den
Directeur van
het Marktwezen.
Centrale Markthallen.
Amsterdam.
Afzenderzijde (links):
M. Krabbes.
Vrolikstraat
317
Amsterdam.
[Rode stempel:] AFZ. Dit document is de adreszijde van een zakelijke of administratieve briefkaart, verzonden binnen Amsterdam in januari 1940.
- Administratieve sporen: De grote paarse stempel bovenaan ("№ 26/8/1 M. 1940") en de handgeschreven "23/1" wijzen op een formele archivering bij de ontvangende instantie, de Dienst van het Marktwezen. Het suggereert dat dit het eerste document was in een specifiek dossier of een reeks correspondentie uit 1940.
- VNF-merk: De aanwezigheid van het VNF-logo ("Vereniging Nederlands Fabrikaat") is kenmerkend voor deze periode. Dit was een private organisatie die vanaf 1915 het kopen van producten van eigen bodem stimuleerde, vaak met de slogan "Koopt Nederlandsch Fabrikaat". Dat dit op de briefkaart zelf staat, duidt op een patriottische of economische bewuste keuze van de drukker of de afzender.
- Tijdsbeeld: De kaart is gepost slechts enkele maanden voor de Duitse inval in mei 1940. Op dit moment was Nederland nog neutraal, maar de administratieve processen van de stad (zoals de voedselvoorziening via de Markthallen) draaiden op volle toeren. De Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam fungeerden vanaf 1934 als het centrale punt voor de handel in aardappelen, groenten en fruit. De Directeur van het Marktwezen was verantwoordelijk voor het beheer van deze hallen en de regulering van de handel.
De afzender, M. Krabbes, woonde in de Vrolikstraat in de Oosterparkbuurt. Hoewel de inhoud van de kaart (op de achterzijde) ontbreekt, is het waarschijnlijk dat de correspondentie betrekking had op marktvergunningen, leveringen of andere regelgeving omtrent de handel in levensmiddelen. In deze periode van dreigende schaarste en mobilisatie was de communicatie tussen burgers/handelaren en het Marktwezen van cruciaal belang voor de stedelijke voedseldistributie. M. Krabbes Marktwezen