Archief 745
Inventaris 745-319
Pagina 219
Jaar 1940
Stadsarchief

Archiefdocument

Dossier: 14, 26/50/1

Origineel

[Stempel linksboven:]
BIJBLAD VAN:
M. No. 26/50/1 1940
DOORGEZONDEN: 30/7

[Rechtsboven:]
562
Th. Renz
advies
31-7-40
de Boer

[Midden:]
Adm. Dagmarkten
Ik krijg dus een opgave
van kooplieden, die op buiten-
staanplaatsen na markttijd
staan blijven. Naar mijn mening kan dat niet
van den Zaterdag zijn, omdat dan de
markturen samenvallen met de winkelsluitings-
uren.
[Paraaf: JHA]

[Onderste gedeelte:]
[Paraaf met datum: 25/9 40]
Bij een nader ingesteld onderzoek is gebleken, dat
een enkele standplaatshouder iets langer [---]
plaats blijft innemen. Kroon stelt geen prijs op verdere
afdoening. Kan dus als afgedaan worden beschouwd.
27-9-40
de Boer

[Rechtsonder:]
ozb
26-9-40
[Paraaf: WE?] Dit document betreft een interne correspondentie binnen een gemeentelijke administratie (waarschijnlijk Amsterdam) aangaande het toezicht op dagmarkten.

  • De kwestie: Er is een melding of "opgave" binnengekomen van marktkooplieden die na de officiële markttijden hun standplaatsen op de openbare weg ("buitenstaanplaatsen") niet tijdig verlaten.
  • Eerste beoordeling: De ambtenaar (JHA) merkt op 30/31 juli op dat dit probleem waarschijnlijk niet de zaterdag betreft, omdat de markturen dan samenvallen met de algemene winkelsluitingstijden.
  • Conclusie: Na een nader onderzoek in september blijkt dat het slechts om incidentele gevallen gaat ("een enkele standplaatshouder"). De functionaris genaamd 'Kroon' (mogelijk een afdelingshoofd) acht verdere actie niet nodig. De zaak wordt op 27 september 1940 officieel als 'afgedaan' beschouwd door de ambtenaar 'de Boer'. Hoewel het document dateert uit 1940, de eerste maanden van de Duitse bezetting van Nederland, vertoont het de kenmerken van de voortzetting van de reguliere civiele bureaucratie. Handhaving van marktverordeningen en de Winkelsluitingswet was een standaardtaak van de gemeente om de openbare orde te bewaren en eerlijke concurrentie tussen ambulante handel en vaste winkeliers te garanderen. De strikte scheiding tussen markturen en winkeltijden was in die tijd een belangrijk punt van toezicht. De term "buitenstaanplaatsen" duidt op plekken die buiten de reguliere, omsloten marktterreinen lagen, waar toezicht vaak lastiger was. M. No

Samenvatting

Dit document betreft een interne correspondentie binnen een gemeentelijke administratie (waarschijnlijk Amsterdam) aangaande het toezicht op dagmarkten.

  • De kwestie: Er is een melding of "opgave" binnengekomen van marktkooplieden die na de officiële markttijden hun standplaatsen op de openbare weg ("buitenstaanplaatsen") niet tijdig verlaten.
  • Eerste beoordeling: De ambtenaar (JHA) merkt op 30/31 juli op dat dit probleem waarschijnlijk niet de zaterdag betreft, omdat de markturen dan samenvallen met de algemene winkelsluitingstijden.
  • Conclusie: Na een nader onderzoek in september blijkt dat het slechts om incidentele gevallen gaat ("een enkele standplaatshouder"). De functionaris genaamd 'Kroon' (mogelijk een afdelingshoofd) acht verdere actie niet nodig. De zaak wordt op 27 september 1940 officieel als 'afgedaan' beschouwd door de ambtenaar 'de Boer'.

Historische Context

Hoewel het document dateert uit 1940, de eerste maanden van de Duitse bezetting van Nederland, vertoont het de kenmerken van de voortzetting van de reguliere civiele bureaucratie. Handhaving van marktverordeningen en de Winkelsluitingswet was een standaardtaak van de gemeente om de openbare orde te bewaren en eerlijke concurrentie tussen ambulante handel en vaste winkeliers te garanderen. De strikte scheiding tussen markturen en winkeltijden was in die tijd een belangrijk punt van toezicht. De term "buitenstaanplaatsen" duidt op plekken die buiten de reguliere, omsloten marktterreinen lagen, waar toezicht vaak lastiger was.

Genoemde Personen 1

M. No

Producten

Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Gerelateerde Documenten 6