Archief 745
Inventaris 745-319
Pagina 277
Dossier 25
Jaar 1940
Stadsarchief

Handgeschreven zakelijke brief.

26 september 1940. Van: S. Blitz, Natalplein 57 I, Amsterdam. Aan: De Weledelgestrenge Heer Directeur van het Marktwezen, Amsterdam.

Origineel

Handgeschreven zakelijke brief. 26 september 1940. S. Blitz, Natalplein 57 I, Amsterdam. De Weledelgestrenge Heer Directeur van het Marktwezen, Amsterdam. [Linksboven, gestempeld/geschreven kenmerk:]
№ 26 / 68 / 1 M.1940 $^{27}/_{9}$

[Afzendergegevens:]
S. Blitz
Natalplein 57 I
Amsterdam.

[Datum en plaats, rechtsboven:]
A’dam 26 September 1940

[Adressering:]
Den Weled. Heer Directeur
v. h. Marktwezen
Amsterdam.

[Aanhef:]
Weled. Gestr. Heer,

[In de rechter marge staat een korte potloodnotitie, mogelijk:]
nu weer

[Brieftekst:]
In antwoord op Uw schrijven van 25 Sept. jl. bericht ik U, daar de markt op Zaterdag in de Dapperstraat steeds korter wordt en de verkoop uitsluitend ’s avonds is. (consumptieijs bedrijf) mijn onkosten daardoor grooter zijn dan de ontvangsten. Verzoek ik U beleefd mij vrijstelling te willen geven tot de avondverkoop weer kan plaatsvinden.

[Afsluiting:]
Hoogachtend,
S. Blitz [handtekening] De brief is een verzoek van een kleine ondernemer, S. Blitz, die een consumptie-ijsbedrijf voert op de Dappermarkt in Amsterdam-Oost. Hij klaagt over de financiële gevolgen van de ingekorte markttijden op zaterdag. Omdat zijn product vooral in de avonduren wordt verkocht, maken de beperkte openingstijden zijn exploitatie verlieslatend (de onkosten zijn groter dan de ontvangsten). Hij verzoekt de directeur van het Marktwezen om vrijstelling, naar alle waarschijnlijkheid van de verplichting om standgeld te betalen of de standplaats in te nemen, totdat de avondverkoop weer is toegestaan. De brief is geschreven in september 1940, de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland. De reden dat de "markt steeds korter wordt" en de avondverkoop is gestopt, heeft direct te maken met de door de bezetter ingevoerde verduisteringsmaatregelen. Vanwege het gevaar van luchtaanvallen moest het 's avonds volledig donker zijn, wat de traditionele avondmarkten onmogelijk maakte.

Daarnaast is de sociale context van belang: de Dapperbuurt en het Natalplein (waar Blitz woonde) kenden een aanzienlijke Joodse populatie. De naam Blitz is een veelvoorkomende Joodse naam in dit stadsdeel. Deze brief toont de dagelijkse strijd van een kleine zelfstandige om het hoofd boven water te houden in een tijd waarin de bezettingsmaatregelen het economische leven steeds verder ontregelden, nog voordat de specifieke anti-Joodse economische maatregelen (zoals de onteigening van bedrijven in 1941) hun volledige impact hadden.

Samenvatting

De brief is een verzoek van een kleine ondernemer, S. Blitz, die een consumptie-ijsbedrijf voert op de Dappermarkt in Amsterdam-Oost. Hij klaagt over de financiële gevolgen van de ingekorte markttijden op zaterdag. Omdat zijn product vooral in de avonduren wordt verkocht, maken de beperkte openingstijden zijn exploitatie verlieslatend (de onkosten zijn groter dan de ontvangsten). Hij verzoekt de directeur van het Marktwezen om vrijstelling, naar alle waarschijnlijkheid van de verplichting om standgeld te betalen of de standplaats in te nemen, totdat de avondverkoop weer is toegestaan.

Historische Context

De brief is geschreven in september 1940, de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland. De reden dat de "markt steeds korter wordt" en de avondverkoop is gestopt, heeft direct te maken met de door de bezetter ingevoerde verduisteringsmaatregelen. Vanwege het gevaar van luchtaanvallen moest het 's avonds volledig donker zijn, wat de traditionele avondmarkten onmogelijk maakte.

Daarnaast is de sociale context van belang: de Dapperbuurt en het Natalplein (waar Blitz woonde) kenden een aanzienlijke Joodse populatie. De naam Blitz is een veelvoorkomende Joodse naam in dit stadsdeel. Deze brief toont de dagelijkse strijd van een kleine zelfstandige om het hoofd boven water te houden in een tijd waarin de bezettingsmaatregelen het economische leven steeds verder ontregelden, nog voordat de specifieke anti-Joodse economische maatregelen (zoals de onteigening van bedrijven in 1941) hun volledige impact hadden.

Gerelateerde Documenten 6