Handgeschreven zakelijke brief.
Origineel
Handgeschreven zakelijke brief. 17 oktober 1940. R. Hoekstra, wonende aan de 1e Weteringdwarsstraat 36 II te Amsterdam. № 26/72/1 M. 1940 19/10
A’dam 17 Oct ’40.
W. Insp.
Mijnheer
Langs deze weg wilde ik
u even bedanken, voor de voorkeurs-
kaart voor de Dapperstraat.
Daar ik de heele week op de
Albertcuypstr stond en er nu ook
zaterdag kan staan (wegens ik nu
voor elke markt een voorkeurkaart
heb) blijf ik ook deze dag op de
Albertcuyp.
No der voorkeurskaart 293 (Dapperstr.)
voor
R Hoekstra
geb 9-5-6
en echtgenoote
Ch S Hoekstra-Koelbrugge
geb 24-1-13
Hoogachtend
R Hoekstra.
1e Weteringdw. str.
36 II * Inhoud: De afzender, de heer R. Hoekstra, bedankt de instantie voor het toekennen van een 'voorkeurskaart' (een vaste staanplaatsvergunning) voor de Dappermarkt. Hij meldt echter dat hij hier geen gebruik van zal maken op zaterdag. Omdat hij door nieuwe regelingen nu voor elke dag een vergunning heeft, kiest hij ervoor om ook op zaterdag op zijn vertrouwde plek op de Albert Cuypmarkt te blijven staan.
* Identificatie: In de brief worden de persoonsgegevens van de koopman en zijn echtgenote vermeld, inclusief hun geboortedata (9 mei 1906 en 24 januari 1913). Dit was noodzakelijk voor de koppeling aan de marktvergunning.
* Toon: De brief is formeel en beleefd ("W. Insp." staat waarschijnlijk voor WelEdelgestrenge Heer Inspecteur). Dit document biedt een inkijkje in de Amsterdamse markthandel aan het begin van de Duitse bezetting (oktober 1940). De verdeling van staanplaatsen op de Albert Cuypmarkt en de Dappermarkt was een strikt gereguleerde aangelegenheid door de gemeente Amsterdam. 'Voorkeurskaarten' gaven handelaren recht op een vaste plek, wat essentieel was voor hun nering.
In deze periode nam de administratieve druk op burgers en kleine ondernemers toe. Kort na de datum van deze brief zouden de bezettingsautoriteiten beginnen met het weren en later volledig verbieden van Joodse marktkramers, wat leidde tot grote verschuivingen in het marktwezen. Hoewel deze specifieke brief een puur administratieve mededeling van een (vermoedelijk niet-Joodse) handelaar betreft, maakt het deel uit van de bureaucratische papierstroom waarmee de bezetter en de gemeente de grip op het openbare leven en de economie verstevigden. R. Hoekstra W. Insp Gemeente Amsterdam Marktwezen