Archiefdocument
Origineel
Doorzending d.d. 30 december 1940; aantekeningen lopen van oktober 1940 tot januari 1941. [Linksboven in kader]
BIJBLAD VAN:
M. No. 26/89/1 1940
DOORGEZONDEN: 30/12
[Midden boven]
S. Boer
pl 87 Dapperstraat
27/10 '40 gewaarschuwd
geregeld op de markt te komen.
[Centraal tekstblok]
Aan S. Boer kan m.i. worden
toegestaan, dat hij zijn plaats op de
markt aan de Dapperstraat tot in het
begin voorjaar a.s. niet inneemt.
Hij moet echter zorg dragen dat
hij het, ook tijdens zijn afwezig-
heid verschuldigde marktgeld
wekelijks betaalt.
14-1-41
de Haer
[Rechterzijde]
Ho Remz No 2
advies
2-1-41
de Haer
Oproepen (maandag)
a.s. 10-1-41
de Haer
p 13/1 10 1/2 u
[Rechtsonder in rood/groen potlood]
26/89/2 M 1.40
18/1/41 No 18
[Initialen]
[Voetnoot]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document is een administratieve notitie betreffende de marktvergunning van de heer S. Boer voor de Amsterdamse Dapper markt. Uit de aantekeningen blijkt dat Boer op 27 oktober 1940 officieel is gewaarschuwd vanwege onregelmatige aanwezigheid op zijn marktplaats (nr. 87).
In januari 1941 wordt door ambtenaar De Haer besloten dat Boer zijn plek tijdelijk mag laten leegstaan tot het begin van het voorjaar, mits de wekelijkse marktgelden (mogelijk het bedrag van 1,40 gulden dat in rode inkt genoteerd staat) worden doorbetaald. Het document toont een strakke bureaucratische opvolging met diverse controlemomenten en oproepen in de eerste weken van 1941. Het document bevindt zich in de historische context van de Duitse bezetting van Nederland. In de winter van 1940-1941 werden marktreglementen in Amsterdam strenger gehandhaafd. Kort na de datum op dit document begon de stelselmatige uitsluiting van Joodse marktkooplieden van de openbare markten. Gezien de locatie (de Dapperbuurt had een aanzienlijke Joodse populatie) en de aard van de administratie, kan dit document deel uitmaken van de dossiers die werden gebruikt om de bezetting en de daaropvolgende 'normalisering' of uitsluiting op de Amsterdamse markten te stroomlijnen. De reden voor de afwezigheid van S. Boer wordt in dit specifieke document niet expliciet vermeld, maar de nadruk op het blijven betalen van stageld was een standaardvereiste om het recht op een standplaats te behouden. De Haer (Ambtenaar) M. No S. Boer