Handgeschreven ambtelijke notitie / vragenlijst.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke notitie / vragenlijst. Geval Tolhuyzen - Gerks Labbes
1/ Is vrouw ziek?
2/ Staat de man regelmatig op de plaats?
3/ .. .. zoon regelmatig als vervanger op
de plaats?
4/ Hoe lang bestaat deze toestand?
5/ Waarom staat de man niet regelmatig?
6/ Is er wel aanleiding om den zoon een
vervangingsvergunning te geven.
25/1 '40: [onleesbare handtekening, mogelijk W. Lier]
m.i. Insp.
[Stempel onderaan:]
Nº 27/16 / M. 1940 26/7 Het document betreft een ambtelijk onderzoek naar de rechtmatigheid van een vergunning voor een "plaats". In de context van die tijd verwijst "plaats" doorgaans naar een vaste standplaats op een markt. De vragenlijst dient om vast te stellen of de oorspronkelijke vergunninghouder ("de man") zijn verplichtingen nog nakomt en of er een gegronde reden is (zoals de ziekte van zijn vrouw) waarom hij niet persoonlijk aanwezig is. De kernvraag (vraag 6) is of de zoon een "vervangingsvergunning" mag krijgen om de werkzaamheden over te nemen. De afkorting "m.i. Insp." onderaan staat voor "mijns inziens Inspecteur", wat duidt op een ambtelijk advies of een doorverwijzing naar een hogere functionaris. De datering is historisch interessant: de notitie is geschreven in januari 1940, kort voor de Duitse inval in Nederland, terwijl de stempel van 26 juli 1940 dateert uit de vroege periode van de bezetting. Dit illustreert hoe de reguliere civiele bureaucratie, in dit geval met betrekking tot het marktwezen en vergunningenverstrekking, ondanks de oorlogssituatie gecontinueerd werd. Het strikte toezicht op standplaatsen was essentieel voor de lokale economie en de voedselvoorziening in steden. De familie Tolhuyzen probeerde hier vermoedelijk de continuïteit van hun nering te waarborgen door de zoon officieel als vervanger aan te stellen. W. Lier Marktwezen