Ambtelijk advies/notitie betreffende marktvergunningen.
Origineel
Ambtelijk advies/notitie betreffende marktvergunningen. 27/3 5/1 Ingevolge Art 11 v/h Regl. op de markten is
de Directeur bevoegd uitzondering toe te staan
betreffende de bepalingen inzake het niet geregeld
bezetten der plaats.
Adressant plh 10. P. Bies, Vischmarkt Ten Katestr.
heeft sinds Zaterdag den 17 Februari l.l. zijn
marktplaats niet ingenomen, omreden hij een
zaak is begonnen Ten Katestraat hoek Bellamystr.
Ik geef in overweging hem tot 17 Augs '40
uitstel te verleenen en te bepalen dat hij na
genoemden datum zijn plaats regelmatig
moet innemen.
A’dam 21-5 ‘40
[Onleesbare handtekening, mogelijk ‘Kruij’ of ‘Vruij’] Het document is een ambtelijke notitie waarin wordt geadviseerd over een verzoek van een markthandelaar, de heer P. Bies. Volgens artikel 11 van het marktreglement had de Directeur de bevoegdheid om dispensatie te verlenen voor de plicht om een gereserveerde marktplaats ook daadwerkelijk ("geregeld") te bezetten.
De heer Bies hield standplaats nummer 10 op de vismarkt van de Ten Katestraat. Hij was echter sinds 17 februari 1940 niet meer op de markt verschenen omdat hij een vaste winkel ("zaak") was begonnen op de hoek van de Ten Katestraat en de Bellamystraat. De ambtenaar adviseert om hem tot 17 augustus 1940 uitstel te verlenen, waarna hij verplicht zou zijn zijn plek op de markt weer in te nemen, op straffe van het mogelijk verliezen van zijn standplaats. Het document dateert van 21 mei 1940, slechts elf dagen na de Duitse inval in Nederland. Ondanks de bezetting ging het dagelijks leven en de gemeentelijke administratie in Amsterdam in eerste instantie gewoon door.
De Ten Katemarkt in Amsterdam-West (Kinkerbuurt) was en is een van de belangrijkste dagmarkten van de stad. In deze periode was de markt cruciaal voor de voedselvoorziening. Omdat de vraag naar standplaatsen groot was, mochten handelaren hun plek niet zomaar onbezet laten; dit leidde tot een 'lege' markt en inkomstenderving voor de gemeente. Het feit dat de heer Bies een vaste winkel opende vlakbij zijn oude kraam, was een gebruikelijke stap voor succesvolle markthandelaren, maar zorgde hier dus voor een administratief conflict met de bezettingsgraad van de markt. De voorgestelde termijn van zes maanden uitstel was bedoeld om de handelaar de kans te geven zijn nieuwe zaak op te starten alvorens te beslissen of hij de marktplaats wilde aanhouden. Bies hield (De heer) P. Bies