Archiefdocument
Origineel
(Handgeschreven aantekeningen rechtsboven: C. v. d. Kaai en Verzonden 18/10)
VP/HG.
den Heer H. Zegerius,
Oude Schans 15,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 2.
27/89/2 M.
17 October 1940.
Naar aanleiding van Uw brief ingekomen op 11 dezer be-
richt ik U, dat het daarin vervatte verzoek niet voor inwilliging
in aanmerking kan komen. U is verplicht om het door U verschuldigde
marktgeld wekelijks te betalen, terwijl U bovendien ten minste twee
maal per week Uw plaats op de markt Ten Katestraat behoort te be-
zetten. Bij gebreke van nakoming van een dezer verplichtingen zal
de bedoelde plaats worden ingetrokken, overeenkomstig de desbetref-
fende bepalingen van het Reglement op de Markten.
De Directeur, De brief is een formele afwijzing van een verzoek dat door de heer H. Zegerius op 11 oktober 1940 was ingediend. Uit de tekst blijkt dat Zegerius waarschijnlijk heeft verzocht om een uitzondering op de marktregels, mogelijk betreffende de betaling van staangeld of de verplichte aanwezigheid. De directeur wijst dit verzoek resoluut af en herinnert de koopman aan zijn twee kernverplichtingen:
1. Het wekelijks betalen van het verschuldigde marktgeld.
2. Het minimaal tweemaal per week bezetten van de standplaats op de Ten Katemarkt.
De brief eindigt met een duidelijke waarschuwing: bij het niet nakomen van deze plichten zal de standplaats worden ingetrokken conform het geldende marktreglement. De toon is streng en bureaucratisch. Dit document dateert uit de vroege periode van de Duitse bezetting van Nederland (oktober 1940). Hoewel de brief een puur administratieve kwestie lijkt te behandelen, is de historische context van belang. De heer H. Zegerius woonde aan de Oude Schans, een straat in de van oudsher Joodse buurt van Amsterdam. De naam Zegerius kwam in die tijd veelvuldig voor binnen de Joodse gemeenschap.
In de herfst van 1940 begonnen de eerste anti-Joodse maatregelen van de bezetter de dagelijkse praktijk van Joodse burgers te beïnvloeden. Hoewel deze brief nog de reguliere ambtelijke procedures van de gemeente Amsterdam volgt, biedt het een inkijkje in de economische druk op marktkooplieden in oorlogstijd. Korte tijd later zouden Joodse kooplieden volledig van de algemene markten zoals de Ten Katemarkt worden verbannen en werden zij gedwongen hun nering op speciale 'Joodse markten' voort te zetten. Dit document kan dus worden gezien als een voorbode van de toenemende beperkingen voor deze bevolkingsgroep. C. v. d. Kaai H. Zegerius Gemeente Amsterdam Marktwezen