Ambtelijk rapport/brief betreffende een incident op de markt.
Origineel
Ambtelijk rapport/brief betreffende een incident op de markt. 12 t/m 16 oktober 1940. M. Reijnvaan (ambtenaar van het Marktwezen). [Linksboven:]
Inschrijven
№ 27/92/1 M 1940 14/10
[Rechtsboven:]
J. Ruin Jac. v. Lennepkade 110
[Midden:]
Aan den Heer Inspecteur vh Marktwezen.
№ 76'
Bij de loting voor de open gebleven
plaatsen te tien uur zaterdagochtend op de markt Ten Kate-
straat, had ik als gewoonlijk de namen der lotelingen
welke daarvoor in aanmerking komen volgens opgave geno-
teerd. Volgens gewoonte lees ik daarna de namen nogmaals
af zoo dat eventueel er één mocht zijn welke zich niet heeft
opgegeven, zich als nog kan opgeven. Terwijl ik bezig was na
de loting de plaatsen toe te wijzen, kwam de plaatshouder J Ruin
№ 247 bij mij met de mededeeling dat het onrecht was wat hier
gebeurde, nu was hij buiten de loting gevallen door de schuld van
mij. Hierbij zij opgemerkt dat hij zich niet had opgegeven voor
de loting. Op mijn vraag of ik voor zijn opgave der loting
moest zorgen voegde hij mij toe „jij komt toch ook geld bij mij
halen“. Door dit wanordelijk optreden van bovengenoemde plaats-
houder werd de goede orde op de markt verstoord. Later is hij
op het marktkantoor bij mij geweest en bood zijn excuus aan
voor zijn optreden, waarbij ik hem mededeelde rekening te zullen
houden met zijn excuus, maar het toch wou rapporteren.
Hiermede verzoek ik U hem een ernstige waarschuwing te
zenden voor zijn onhebbelijk optreden, en daarbij hem tevens twee dagen
voorwaardelijk te straffen.
[Rechtsonder:]
Amsterdam 12 October 40
M. Reijnvaan
[Onderaan toegevoegd in ander handschrift:]
In verband met het bo-
venstaande stel ik U voor
J. Ruin twee dagen voorwaardelijk het recht
te ontzeggen een plaats op een der
markten in te nemen.
16/10/40 № 27/92/2 7 14-10-40 de Haan Het document is een ambtelijk verslag van een incident tijdens de wekelijkse loting voor vrijgekomen marktplaatsen op de Ten Katemarkt in Amsterdam. De kern van het conflict is dat plaatshouder J. Ruin zich niet reglementair had aangemeld voor de loting, maar de ambtenaar (Reijnvaan) de schuld gaf van zijn uitsluiting.
De situatie escaleerde toen Ruin de ambtenaar verbaal aanviel met de suggestieve opmerking: "jij komt toch ook geld bij mij halen". Dit suggereert een beschuldiging van corruptie of het aannemen van steekpenningen, wat de ambtenaar opvatte als een ernstige verstoring van de goede orde en een persoonlijke belediging. Hoewel Ruin later zijn excuses aanbood op het marktkantoor, werd het incident gerapporteerd om de autoriteit van het Marktwezen te handhaven. Het advies aan de inspecteur was een ernstige waarschuwing en een voorwaardelijke schorsing van twee dagen. Dit document stamt uit oktober 1940, de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de handhaving van de openbare orde en de distributie van schaarse goederen op markten een prioriteit voor de gemeente Amsterdam. Het 'Marktwezen' was een streng gereguleerde dienst; lotingen moesten eerlijk en transparant verlopen om onrust onder marktkooplieden en het publiek te voorkomen.
De Ten Katemarkt was een vitale volksmarkt in Amsterdam-West. Incidenten zoals deze bieden inzicht in de dagelijkse spanningen op de werkvloer en de bureaucratische wijze waarop disciplinaire maatregelen werden afgehandeld. De handgeschreven toevoeging onderaan toont aan dat de hiërarchie binnen de gemeentelijke diensten dergelijke rapporten serieus nam en direct vertaalde naar sancties. J. Ruin M. Reijnvaan Gemeente Amsterdam Marktwezen