Ambtelijk advies / interne correspondentie.
Origineel
Ambtelijk advies / interne correspondentie. 19 januari 1940. No 20/6/1 M 1940 den Heer Inspecteur
der marktwezen
Lindengracht alhier.
Wat het verzoek van pch No 121 A Vogel
betreft diene het volgende.
Mej. Vogel is een slechte marktbe-
zoekster, en nu vraagt zij uitstel, omdat
zij z.g.n. geen winterhandel heeft.
Haar handel is herendassen, en is
n.l. aan geen seizoen onderhevig.
Ik adviseer U dan ook het gevraagde
uitstel niet te verleenen.
19-1-’40 [Handtekening] * Afzender en Ontvanger: Het betreft een bericht van waarschijnlijk een marktmeester of toezichthouder aan de Inspecteur van het Marktwezen.
* Onderwerp: Een verzoek van pachter (afgekort als pch) nummer 121, Mej. A. Vogel, om "uitstel". Dit betreft vermoedelijk uitstel van betaling van marktgeld of een vrijstelling van de aanwezigheidsplicht tijdens de wintermaanden.
* Argumentatie: De ambtenaar adviseert negatief op het verzoek. Hij voert twee redenen aan:
1. De aanvrager staat al bekend als een "slechte marktbezoekster" (ze komt vaker niet opdagen).
2. Haar bewering dat ze geen "winterhandel" heeft, wordt weerlegd. Aangezien zij herendassen verkoopt, stelt de ambtenaar dat haar product niet seizoensgebonden is en zij dus gewoon aanwezig kan zijn.
* Toon: De toon is zakelijk, kortaf en weinig empathisch, typerend voor de bureaucratische afhandeling van marktzaken in die periode. * Historische context: Het document is gedateerd op 19 januari 1940, slechts enkele maanden voor de Duitse inval in Nederland. De administratie van de Amsterdamse markten was in deze tijd zeer strikt; marktkooplieden moesten een bepaald aantal dagen per jaar aanwezig zijn om hun vergunning te behouden.
* Locatie: De Lindengracht in de Jordaan was (en is) een bekende Amsterdamse marktlocatie.
* Sociaal-economisch: Het document geeft een inkijkje in de strijd van kleine handelaren om het hoofd boven water te houden tijdens de wintermaanden en de strenge controle die de overheid hierop uitoefende. De term "z.g.n." (zogenaamd) verraadt het wantrouwen van de ambtenaar jegens de pachter.