Zakelijke brief (kopie of doorslag).
Origineel
Zakelijke brief (kopie of doorslag). 21 september 1940. Directie van het Marktwezen, Amsterdam-West. [Handgeschreven: Bovens] [Paraaf]
DIRECTIE VAN HET MARKTWEZEN.
37/2/38 M.1940. Amsterdam-West,
Jan van Galenstr 21a 21 September 1940.
Aan
**den Heer A.de Widt,**
**Centrale Markt Hn 4,**
<u>**Amsterdam-West.**</u>
In bijlage dezes heb ik de eer U het geregistreerde huurcon-
tract betreffende een door U gehuurde pakhuisafdeeling op de Centra-
le Markt te doen toekomen.
Ik verzoek U beleefd rekening te houden met het feit, dat,
ingevolge het bepaalde in artikel 1619 van het Burgerlijk Wetboek re-
paratiën, zooals van rolluiken, ruiten, sloten, enz., voor Uw reke-
ning zijn.
Tevens breng ik, voor zoo ver noodig, in herinnering, dat ar-
tikel 8 van het contract verbiedt om reclamemiddelen of aankondi-
gingen te Uwen behoeve of ten behoeve van derden aan of op het ge-
huurde aan te brengen, zonder mijn schriftelijke toestemming. U gelie-
ve zich in alle gevallen, waarin U tot het aanbrengen van eenig bord
of andere aanduiding wenscht over te gaan, vóóraf met mij te verstaan.
De Directeur, Deze brief is een formeel schrijven van de Directie van het Marktwezen te Amsterdam aan een huurder, de heer A. de Widt. Het doel van de brief is tweeledig:
- Aflevering van documentatie: Het toesturen van het officieel geregistreerde huurcontract voor een pakhuisruimte op het terrein van de Centrale Markt.
- Handhaving van regels: De directeur wijst de huurder expliciet op zijn wettelijke plichten wat betreft klein onderhoud (conform het toenmalige Burgerlijk Wetboek) en op het verbod om zonder toestemming reclame-uitingen aan te brengen op het gehuurde pand.
De toon is uiterst zakelijk en gezagsgetrouw ("heb ik de eer U... te doen toekomen", "Ik verzoek U beleefd"). De brief is gedateerd op 21 september 1940, slechts enkele maanden na de aanvang van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de brief een puur administratieve, gemeentelijke aangelegenheid betreft, bevindt de context zich in een periode waarin de voedselvoorziening en de controle over markten van cruciaal strategisch belang werden voor de bezetter.
De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat (het huidige Food Center Amsterdam) was het kloppend hart van de Amsterdamse levensmiddelenhandel. De Directie van het Marktwezen was een gemeentelijke instantie die de orde en regelgeving op dit terrein handhaafde. De verwijzing naar artikel 1619 van het Burgerlijk Wetboek onderstreept de juridische kaders waarbinnen de handel en verhuur ook tijdens de eerste oorlogsmaanden nog op de "normale" vooroorlogse wijze trachtten door te gaan. A. de Widt Marktwezen