Archief 745
Inventaris 745-326
Pagina 87
Dossier 100
Jaar 1940
Stadsarchief

Doorslag van een ambtelijke brief.

12 november 1940. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt of de Dienst der Markten).

Origineel

Doorslag van een ambtelijke brief. 12 november 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt of de Dienst der Markten). W. Müller

Verzonden 13/11

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.

37/2/52 M 2 12 November 1940.

In bylage dezes heb ik de eer U een contract in duplo te doen geworden ten name van 1) den R.K. Dioc. Land- en Tuinbouwbond; 2) de Ver. Amsterdamsche Markttuinders; 3) den Christelyken Boeren- en Tuindersbond, betreffende huur van pakhuisafdeeling no. A 15 op de Centrale Markt, voor den opslag van goederen (vide besluit van Burgemeester en Wethouders d.d. 7 April 1939 no. 97 L.M. 1939).

Ik moge U beleefd verzoeken de onderteekening van dit contract door den heer Burgemeester te willen bevorderen en my het daarna te doen retourneeren; dezerzyds kan dan voor registratie worden zorggedragen.

De Directeur,

25/2/78 * Administratieve vertraging: Hoewel de brief gedateerd is in november 1940, wordt er verwezen naar een besluit van B&W van 7 april 1939. Dit suggereert een aanzienlijke administratieve doorlooptijd of vertraging in het formaliseren van de huurovereenkomst, mogelijk verergerd door de inval van de Duitsers in mei 1940.
* Verzuiling: De huurders zijn drie organisaties die de toenmalige verzuiling van de Nederlandse maatschappij weerspiegelen: de Katholieke (R.K. Dioc.), de neutrale/lokale (Ver. Amsterdamsche Markttuinders) en de Protestants-Christelijke (Christelyken Boeren- en Tuindersbond) verenigingen. Zij huren gezamenlijk één pakhuisruimte.
* Terminologie: Het gebruik van de 'y' in woorden als "bylage" en "Christelyken" is kenmerkend voor de schrijfmachine-stijl en spellingvoorkeuren van die tijd, evenals de beleefdheidsvormen ("heb ik de eer", "ik moge U beleefd verzoeken").
* Locatie: De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was en is het hart van de Amsterdamse voedseldistributie. De brief is geschreven tijdens de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode bleef het Nederlandse ambtelijk apparaat grotendeels intact en functioneerde het onder toezicht van de bezetter. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" had een cruciale taak in een tijd waarin schaarste en distributie van voedsel steeds grotere problemen werden.

Dat drie verschillende bonden gezamenlijk een pakhuis huren op de Centrale Markt, wijst op de noodzaak tot samenwerking tussen de diverse levensbeschouwelijke groepen binnen de agrarische sector om de voedselstroom naar de stad te waarborgen. Kort na deze brief, in 1941, zouden veel van dit soort onafhankelijke bonden door de bezetter gedwongen worden op te gaan in de nationaalsocialistische "Nederlandsche Landstand".

Samenvatting

  • Administratieve vertraging: Hoewel de brief gedateerd is in november 1940, wordt er verwezen naar een besluit van B&W van 7 april 1939. Dit suggereert een aanzienlijke administratieve doorlooptijd of vertraging in het formaliseren van de huurovereenkomst, mogelijk verergerd door de inval van de Duitsers in mei 1940.
  • Verzuiling: De huurders zijn drie organisaties die de toenmalige verzuiling van de Nederlandse maatschappij weerspiegelen: de Katholieke (R.K. Dioc.), de neutrale/lokale (Ver. Amsterdamsche Markttuinders) en de Protestants-Christelijke (Christelyken Boeren- en Tuindersbond) verenigingen. Zij huren gezamenlijk één pakhuisruimte.
  • Terminologie: Het gebruik van de 'y' in woorden als "bylage" en "Christelyken" is kenmerkend voor de schrijfmachine-stijl en spellingvoorkeuren van die tijd, evenals de beleefdheidsvormen ("heb ik de eer", "ik moge U beleefd verzoeken").
  • Locatie: De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was en is het hart van de Amsterdamse voedseldistributie.

Historische Context

De brief is geschreven tijdens de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode bleef het Nederlandse ambtelijk apparaat grotendeels intact en functioneerde het onder toezicht van de bezetter. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" had een cruciale taak in een tijd waarin schaarste en distributie van voedsel steeds grotere problemen werden.

Dat drie verschillende bonden gezamenlijk een pakhuis huren op de Centrale Markt, wijst op de noodzaak tot samenwerking tussen de diverse levensbeschouwelijke groepen binnen de agrarische sector om de voedselstroom naar de stad te waarborgen. Kort na deze brief, in 1941, zouden veel van dit soort onafhankelijke bonden door de bezetter gedwongen worden op te gaan in de nationaalsocialistische "Nederlandsche Landstand".

Locaties

De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was en is het hart van de Amsterdamse voedseldistributie.

Gerelateerde Documenten 6