Archief 745
Inventaris 745-329
Pagina 110
Dossier 30
Jaar 1940
Stadsarchief

Zakelijke brief (klachtenbrief)

15 Juni 1940. Van: „SOLBANDERA" Valencia Sinaasappelen Import-Mij N.V., gevestigd te Rotterdam (Veerkade 9) en Valencia.

Origineel

Zakelijke brief (klachtenbrief) 15 Juni 1940. „SOLBANDERA" Valencia Sinaasappelen Import-Mij N.V., gevestigd te Rotterdam (Veerkade 9) en Valencia. „SOLBANDERA"
VALENCIA SINAASAPPELEN IMPORT-MIJ N.V.

VALENCIA
PASCUAL Y GENIS 4
TELEFOON 10913

TELEGRAM-ADRES:
SOLBANDERA - VALENCIA

ROTTERDAM. C
VEERKADE 9
TELEF. KANTOOR 23420 (2 LIJNEN)
TELEF. DIRECTIE 23421
NA KANTOORTIJD 23421

TELEGRAM-ADRES:
SOLBANDERA - ROTTERDAM

BANKIERS;
ROTTERDAMSCHE BANKVEREENIGING
COOLSINGEL, ROTTERDAM
TWENTSCHE BANK - INCASSO BANK
AMSTERDAMSCHE BANK, ROTTERDAM

Nº 37/92/M.1940 12/6

ROTTERDAM, 15 Juni 1940.

Directie van het Marktwezen,
Amsterdam.


Mijne Heeren,

Refereerend aan het bezoek van 12 dezer te Uwent van onzen Expeditiechef i/z. den verkoop van 400 kisten Italiaansche Citroenen ex. Wagon F.S. 100728, U door de Nederlandsche Spoorwegen toevertrouwd, deelen wij U mede, dat wij de wijze, waarop een en ander door U werd tot stand gebracht, ten zeerste moeten laken en ten aanzien waarvan wij ons alle rechten tot schadeloosstelling wenschen voor te behouden.

Wij nemen aan, dat U op het tijdstip, waarop de Nederlandsche Spoorwegen de belangen van hun client in Uw handen stelden, niet wist, wie de ontvangers waren van den betr. wagon, zoodat U ons niet den zelfden dag hieromtrent kon verwittigen.

Echter: ten eerste: Moet U toch direct begrepen hebben, dat deze wagon bestemd moest zijn voor een der Importeurs (van de groep der zeven).
Ten tweede: Weet U, als ter zake kundig in de fruit-branche, dat eerste kwaliteit Italiaansche Citroenen niet zoo snel aan bederf onderhevig zijn.
Ten derde: Beschikt U over het best geoutilleerde Koelhuis in Nederland, waarin U den wagon had kunnen doen lossen, totdat U de ontvangers had uitgevonden. U behoefde slechts den wagon te doen openen, Ƒ
Ten vierde: Moet U toch op de hoogte geweest zijn van de marktwaarde van citroenen, die op het bewuste tijdstip varieerde van Fl. 14.- tot Fl. 16,-

Wij zouden ons eventueel kunnen voorstellen, dat de N.S. waarschijnlijk op vlotte afwikkeling Uwerzijds zullen hebben aangedrongen, doch zijn wij er beslist van overtuigd, dat zij geen enkel bezwaar zouden hebben kunnen aanvoeren, indien U zeer zakelijk de wensch had te kennen gegeven, dat U de belangen van hun clienten inderdaad wilde behartigen, maar dan op de basis, zooals door ons in punt 1 tot en met 4 omschreven.

In de plaats daarvan, stelde U een commissie samen, bestaande uit de Heeren Beugel, de Geus, Polak en Cosman, dus geregelde afnemers en veilingbezoekers van Solbandera, die zeer goed wisten, dat de betr. wagon alleen voor ons bestemd kon zijn, aangezien wij de regelmatige Importeurs zijn en wel sedert tien jaren onafgebroken, van de merken Piccadilly, Temptation en Tamer Brand.

Ƒ om in haar volle glorie een lijst op de dichst voor de hand liggende kist bevestigd, te zien prijken, waarop zeer duidelijk den naam van de ontvangers vermeld, benevens de volledige classificatie van den wagon. In deze brief protesteert de firma Solbandera fel tegen de handelwijze van de Directie van het Marktwezen in Amsterdam. Het conflict draait om een wagon met 400 kisten Italiaanse citroenen die door de NS aan het Marktwezen was overgedragen omdat de ontvanger onbekend was.

Solbandera voert vier argumenten aan waarom het Marktwezen onzorgvuldig heeft gehandeld:
1. Het Marktwezen had moeten weten dat de zending voor een van de grote importeurs bestemd was.
2. Citroenen bederven niet snel, dus er was geen noodzaak tot haastige verkoop.
3. Er had gebruik gemaakt moeten worden van koelopslag tot de eigenaar gevonden was.
4. De marktwaarde was aanzienlijk hoog (14 tot 16 gulden per kist).

De kern van de klacht is dat de Directie van het Marktwezen een commissie van handelaren (Beugel, De Geus, Polak en Cosman) heeft aangesteld om de zaak af te wikkelen, terwijl deze heren volgens Solbandera donders goed wisten dat de zending bij hen hoorde. De brief eindigt met een verwijzing naar de markeringen op de kisten, die de identiteit van de ontvanger onomstotelijk vaststelden. De toon is formeel-juridisch ("ten zeerste moeten laken", "rechten tot schadeloosstelling"). De brief is gedateerd op 15 juni 1940, exact een maand na de Nederlandse capitulatie aan nazi-Duitsland. Hoewel de brief een puur zakelijk geschil lijkt te betreffen, is de context van de vroege bezettingstijd cruciaal. De voedselvoorziening en distributie kwamen onder strenger toezicht van overheidsinstanties zoals het Marktwezen.

De zending kwam uit Italië (Wagon F.S. staat voor Ferrovie dello Stato), een bondgenoot van Duitsland, wat verklaart waarom internationale handel in deze fase nog mogelijk was. De brief geeft ook een uniek inkijkje in de structuur van de toenmalige fruithandel, met vermelding van de "groep der zeven" (een consortium van grote importeurs) en specifieke merknamen zoals Piccadilly en Temptation die al decennia lang werden gevoerd. Het document illustreert de frictie tussen private handelsbelangen en de toenemende overheidsbemoeienis in de distributieketen tijdens de oorlogsjaren.

Samenvatting

In deze brief protesteert de firma Solbandera fel tegen de handelwijze van de Directie van het Marktwezen in Amsterdam. Het conflict draait om een wagon met 400 kisten Italiaanse citroenen die door de NS aan het Marktwezen was overgedragen omdat de ontvanger onbekend was.

Solbandera voert vier argumenten aan waarom het Marktwezen onzorgvuldig heeft gehandeld:
1. Het Marktwezen had moeten weten dat de zending voor een van de grote importeurs bestemd was.
2. Citroenen bederven niet snel, dus er was geen noodzaak tot haastige verkoop.
3. Er had gebruik gemaakt moeten worden van koelopslag tot de eigenaar gevonden was.
4. De marktwaarde was aanzienlijk hoog (14 tot 16 gulden per kist).

De kern van de klacht is dat de Directie van het Marktwezen een commissie van handelaren (Beugel, De Geus, Polak en Cosman) heeft aangesteld om de zaak af te wikkelen, terwijl deze heren volgens Solbandera donders goed wisten dat de zending bij hen hoorde. De brief eindigt met een verwijzing naar de markeringen op de kisten, die de identiteit van de ontvanger onomstotelijk vaststelden. De toon is formeel-juridisch ("ten zeerste moeten laken", "rechten tot schadeloosstelling").

Historische Context

De brief is gedateerd op 15 juni 1940, exact een maand na de Nederlandse capitulatie aan nazi-Duitsland. Hoewel de brief een puur zakelijk geschil lijkt te betreffen, is de context van de vroege bezettingstijd cruciaal. De voedselvoorziening en distributie kwamen onder strenger toezicht van overheidsinstanties zoals het Marktwezen.

De zending kwam uit Italië (Wagon F.S. staat voor Ferrovie dello Stato), een bondgenoot van Duitsland, wat verklaart waarom internationale handel in deze fase nog mogelijk was. De brief geeft ook een uniek inkijkje in de structuur van de toenmalige fruithandel, met vermelding van de "groep der zeven" (een consortium van grote importeurs) en specifieke merknamen zoals Piccadilly en Temptation die al decennia lang werden gevoerd. Het document illustreert de frictie tussen private handelsbelangen en de toenemende overheidsbemoeienis in de distributieketen tijdens de oorlogsjaren.

Gerelateerde Documenten 6