Officiële brief (waarschijnlijk een doorslag of kantoorkopie).
Origineel
Officiële brief (waarschijnlijk een doorslag of kantoorkopie). 8 juli 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt te Amsterdam). Den Heer H.v.Twist, Basserweg B 30, Heerhugowaard. HG. [handgeschreven: extra]
37/104/2 M.
8 Juli 1940.
den Heer H.v.Twist,
Basserweg B 30,
HEER HUGOWAARD.
Mij is gerapporteerd, dat op 4 Juli jl. door U een statistiekbon betreffende den aanvoer ter Centrale Markt niet naar behooren is ingevuld. Krachtens artikel 30 lid 1 van het Reglement op de Centrale Markt is men verplicht de hoeveelheid en de herkomst der aangevoerde artikelen naar waarheid aan den dienstdoenden ambtenaar op te geven.
Ik verzoek U hierbij dringend zich voortaan stipt overeenkomstig het vorenvermelde voorschrift te gedragen.
De Directeur, De brief is een formele berisping aan het adres van een leverancier, H. v. Twist uit Heerhugowaard. De kern van de zaak is een administratieve nalatigheid: op 4 juli 1940 is een zogenaamde "statistiekbon" onjuist of onvolledig ingevuld bij de aanvoer van goederen naar de Centrale Markt.
De directeur wijst de ontvanger op de juridische grondslag van de informatieplicht (artikel 30 lid 1 van het Reglement op de Centrale Markt). De toon van de brief is ambtelijk en streng ("verzoek U hierbij dringend"), wat duidt op het grote belang dat werd gehecht aan accurate gegevens over voedselstromen. Het ontbreken van een handtekening en de aard van het papier suggereren dat dit een kopie is voor het eigen archief van de instantie. De datum van de brief, 8 juli 1940, is saillant. Nederland bevond zich op dat moment in de eerste maanden van de Duitse bezetting. Hoewel de Centrale Markt een civiele instelling was, werd de controle op de voedselvoorziening en de distributie van landbouwproducten onder het nieuwe regime uiterst strikt.
Nauwkeurige statistieken over aanvoer ("hoeveelheid en herkomst") waren cruciaal voor de bezetter en de Nederlandse autoriteiten om de voedselvoorraden te beheren en zwarte handel tegen te gaan. De ontvanger, woonachtig in Heerhugowaard (een agrarisch gebied), was waarschijnlijk een tuinder of handelaar die zijn producten naar de centrale markt in de stad (waarschijnlijk Amsterdam) bracht. De handgeschreven notitie "extra" zou kunnen betekenen dat dit een extra afschrift was voor een specifieke dossiermap of een andere afdeling.